Recente reacties

  • 1. Daar stak op nen morgend, een jong maseurken
    Zijn kapke door een spleetje van 't kloosterdeurken;
    Cantemus Dominum!
    Die wangjes, ze waren zo bleek, zo bleek,
    En 't draaide zijn hoofdje en het keek, het keek
    Naar alle kanten om...
    Cantemus Dominum!

    2. En ginder, ei zie! aan de kerk, bezijden;
    Daar zag het er een huwelijkskoetsje rijden;
    Cantemus Dominum!
    Hoe glimmend dat bruidjes in 't wit, helwit!
    Hoe pronkend in 't zwart gelijk git, daar zit
    De fiere bruidegom!
    Cantemus Dominum!

    3. En verder daar stak het zijn kapke door 't deurken,
    En 't stond op zijne teentjes het bleek maseurken;
    Cantemus Dominum!
    Hoe zoet is de tucht, kloeg het aangedaan
    "In 't klooster van Sinten Arjaan, Arjaan,
    O zalig heiligdom!"
    Cantemus Dominum!

    4. Toen heeft het zijn hoofdeken ingetrokken
    Om rappekes het deurke weer toe te snokken;
    Cantemus Dominum!
    Het kropje in zijn keelke van groten nood
    En 't krijste zijn oogjes zo rond, zo rood!...
    Ach, bleke kloosterblom!
    Cantemus Dominum!

    • Tekst: Herman Broeckaert
    • Muziek: Emiel Hullebroeck
    •  
    Jokke oep zeun blokke
  • De zoon van Paul Snoek stuurde mij nog twee foto’s van zijn vader tijdens zijn legerdienst in Duitsland die ik op deze blog mag delen, waarvoor mijn dank!

    Thomas Eyskens
  • Mijn geliefd jaarlijks bedevaartsoord in het College!
    De zwaarste klim was de Keerbergstraat. De Augustijnenstraat op de jaarlijkse bedevaart naar Hanswijk was dan weer een helling van het lange type! In vergelijking met bestemming Scherpenheuvel vielen beiden best mee!

    Jokke oep zeun blokke
  • interview met Johan De Cock...

    https://www.youtube.com/watch?v=Js8c8dFy7zY

    Jan Smets
  • Hopelijk kunnen we dan ook het echte Opsinjoorke terug tonen aan onze bezoekers !

    Serge
  • Eindelijk zullen de erfgoedstukken van de ommegang nu wat fatsoenlijker bewaard worden dan onder het stadsbestuur van 40 jaar geleden.

    In 1982 liet Grootvaar Reus in de al even verloederde minderbroederskerk van miserie het moede en afgeknakte hoofd op zijn borst rusten 

    foto Roger Kokken

    Roger Kokken
  • Slechte tijd voor ex-bloggers.

    Some Human heeft vorige week ook het tijdelijke met het eeuwige geruild

    https://perdieus-uitvaarten.be/familieberichten/joseph-lauwers/

    Roger Kokken
  • Niet te missen expo!  Mijn ticket is geboekt!  En ook in de crypte van Hanswijk wil ik wel eens langslopen!

     

    Jan Smets
  • Foto's: Janna Pomelino (c) 

     

    Thomas Eyskens
  • Jan Neckers vroeg me om onderstaande over Bob Peeraer in zijn naam te willen posten :

    Ik leerde Bob Peeraer in 1954 kennen. Twee keer per week moesten we “naar de kapel” om 7.30 ter voorbereiding van onze plechtige communie twee jaar later. We waren met een vrij homogene groep: jongens uit de rijks- en gemeentescholen en uit de parochieschool van Sint-Jozef in de OLVrouwstraat. De jongelui uit de betere klassen gingen immers naar het College en Scheppers en deden daar hun plechtige communie zodat ze niet werden aangestoken door de halve heidenen van de RMS en de “Vellekens”. Twee keer werkte ik Peeraer zo op de zenuwen dat hij me aan de deur zette; wat geen straf was in de winter want het was ijskoud in die kapellen. Maar ik herinner me hem vooral bij zijn eerste bezoeken aan de Poelstraat. We zagen geen priesters in die straat. Het apostolaat werd door de paters van de Carmelietenstraat gedaan. En deken Huysmans en later De Backer voelden zich toch meer thuis in de Louisastraat en de Astridlaan dan in de zijstraten van de Heihoek. Geen probleem voor Peeraer die zelf uit een eenvoudige parochie kwam. Wij noemden hem het “half was pastoorken” en op korte tijd kreeg hij de sympathie van iedereen. Hij kwam vragen toe te treden tot zijn scoutsgroep en tot mijn spijt weigerde mijn moeder want “scouting” was iets voor chique volk. Na de plechtige communie stond hij weer thuis om te proberen mij uit de klauwen van het officieel onderwijs te bevrijden en me naar het college te krijgen. Maar ik had al voor het Atheneum gekozen en kende de gruwelverhalen dat collegejongens iedere dag naar de mis moesten, dat ze de Bruul en de Botermarkt niet mochten betreden, dat ze in geen geval naar de afbeeldingen van de krantenwinkel op de hoek van de Adeghemstraat mochten kijken. Dan was er nog het belangrijkste argument van mijn vader: “Mijnheer Peeraer, is ’t college “verniet”? Neen? Dan wordt het den atenée.” Peeraer was een sociaal bewogen man. Hij heeft me ooit verteld hoe biecht horen aanvankelijk een verschrikking was toen hij groen van het seminarie verscheen en soms verhalen hoorde waar hij niet goed wist wat mee aanvangen. In de Mechelse Kerjeuze heb ik ooit geschreven over een priester die met een kelk onder zijn toga rondliep om de officieel verboden communie te geven aan katholieke mensen die gescheiden waren en een nieuwe relatie hadden en dus in doodszonde leefden. Die priester sprak dan af met die mensen en op het gepaste uur stond de deur op een kier zodat hij onmiddellijk binnen kon. Die priester in preconciliaire tijden was Bob Peeraer. In 1971 verlieten mijn ouders de Poelstraat en verhuisden naar de Arendonckstraat en de parochie van Sint-Gommarus. 38 jaar later overleed mijn moeder. Ze had twee wensen: een uitvaartmis in de kerk waar ze getrouwd was (ze was van de Moensstraat) en een dienst door dat half was pastoorken dat de armoezaaiers van de Poelstraat niet te min vond. Hij belde me op en was me niet vergeten. Misschien was het een clichézinnetje maar het troostte me meer dan alle sympathiebetuigingen: “Jan, hoe oud was je moeder?”; “94 jaar mijnheer Peeraer”; “Jan, je hebt veel gekregen”.

    Jan Neckers

     

    Roger Kokken
  • Mechels bezit van Antwerpse oorsprong even naar afzender:

    https://www.youtube.com/watch?v=jgFZ72fwWE0

     

    Jokke oep zeun blokke
  • @ Wannes : Mooi initiatief.

    Zoek dan tegelijkertijd ook eens wat meer op over Mechelse tin dat o.a. door Mechelse orgelbouwers werd gebruikt.

    Ik vermoed dat het, hier op den blog, werd beschreven als niet echt hoogwaardig materiaal.

    Correct me if I'm wrong.

    gimycko
  • Instrumentenbouw in Mechelen, een interessant thema.
    Als ik eens 5' tijd heb schrijf ik misschien wel eens iets over de Mechelse orgelbouwers.
    Dan kan het alvast gaan over:
    -Jan Bremser 
    -F.B.Loret
    -Cappuyns-Keulemans
    -Jan Boon

    en er zijn er wellicht nog!

     

     

    Wannes
  • Binnen een paar weken wordt het vernieuwde interieur voorgesteld. Ik had gisteren al een voorsmaakje... wat een verschil met 10 jaar geleden... dit project is een mooie boost voor de hele wijk! En met de keuze van de pianowinkel wordt mechelen nog maals erkend als culturele stad met veel potentieel. Ik ben trouwens enorm benieuwd naar de muzikale activiteiten oo het binnenpleintje... iets om ook naar uit te kijken, want akoestiek is er enorm goed...
    Wim Tiri
  • Mooi project!  Wie had ooit gedacht dat deze stadskanker nog eens zo'n knappe restauratie en invulling zou krijgen?  Beslist een meerwaarde voor de hoek OLV-straat/Korenmarkt!

    Jan Smets
  • Ik dacht dat bruin zeep alleen op een baard gesmeerd werd!

     

     

    Jokke oep zeun blokke
  • Allez, nu K3 2.0 stopt omdat Klaasje vertrekt komt Studio100 met een nieuwe groep :

    V3 ( Van Ranst, Van Gucht en Vlieghe, de 3 Prutsvirologen)

    "...Van Afrika tot in Amerika, vanaf de Himalaya tot in de woestijn..."

    gimycko
  • @ Serge : Nu is het aan U om artikelen te schrijven !

    :-)

    BTW : Welkom op de Blog

    gimycko
    Gas
  • Beste, de postkaart die vandaag onder de titel “GAS” op Mechelen blogt wordt getoond is makkelijk te dateren.

    Het huis links (dat op de foto over de Brusselpoort komt) is nummer 12 en werd gebouwd in 1874.

    Het huidige huis nummer 14 (waar nu de kapper in zit) dateert ook van de jaren zeventig en is op de foto nog niet gebouwd. (er staan nog inspringende huizen).

    De foto kan dus niet anders dan  van de jaren zeventig in de negentiende eeuw dateren.

    Serge
    Gas
  • Reactie gekregen van Milou Van der Auwera.  Het huis naast de Kluis was een banketbakkerij (zij kan het weten, want ze woonde er toen).  Het noemde niet 'Het Gouden Kruis', maar wel 'de gouden beiaard' - wel in het Frans: 'au carillon d'or.

    De buurman zou niet Jules geheten hebben maar Jan...

    En daarmee is wat rechtgezet  ;-)

     

    Jan Smets
Inhoud syndiceren