Recente reacties

  • Jawadde dat is rap! Ik zal wel weer niet goed geluisterd hebben of Marianne heeft dat niet verteld van dat fluitje en die huizen die wegreden.Het was weer eens heel boeiend. Een grote merci aan Marianne, die de "korte" toer voor haar rekening nam. Wij hadden ook een zeer ervaringsdeskundige "ex-bewoner" bij, die zich nog heel goed een en ander uit zijn jeugd in de wijk herinnerde.Het moet daar toen plezant wonen geweest zijn.Veel van die huisjes zijn heel mooi opgeknapt. Zo hier en daar staat er wel een sukkelaarke tussen, dat een likje verf kan gebruiken...

    malenie
  • Wat er gebeurde weet ik niet maar de foto werd genomen in 1973.

    Luc
  • Tièns?  van wanneer dateert deze foto?  En wat gebeurde er?

    Jan Smets
  • Wat een schande! Wie doet nu zoiets?

    Luc
  • Gust de Rees dacht dat het erg was maar het historisch onderzoek was nog jong want het was nog veel erger dan hij al dacht.

    De Franse invasie begon met vandalenstreken: vernietiging van de gebouwen van de abdijen van Affligem, Villers en de magnifieke Sint-Lambrechts in Luik.

    "Beroof België van zijn bestaansmiddelen" was de letterlijke opdracht die de schurk Lazare Carnot (inderdaad van de Carnotstraat) aan de Franse sprinkhanenlegers gaf. Alle achterstallige belastingen moesten binnen de 24 uur van de bezetting betaald worden. De Zuidelijke Nederlanden kregen direct een oorlogsbelasting opgelegd van 2 maal de inkomsten van een normaal belastingsjaar. Alle ijzer, kolen, hout, oliën  enz. benevens alle paarden en karren werden in beslag genomen en vergoed met assignaten. Dit waardeloos papier was één jaar later nog ...2% waard van de nominale waarde. Er werd niet langer meer wol, suiker, tabak enz. geïmporteerd zodat de vele thuiswerkers geen grondstoffen meer hadden. De werkloosheid die in de Zuidelijke Nederlanden minimaal was, steeg naar 50 % (in Leuven had nog 10 % van de arbeiders werk). De zogenaamde bevrijders van de obsccure katholieke kerk schaften de verplichte kerkelijke tienden NIET af en eisten ze zelf op. De ongedisciplineerde Franse legers brachten dysenterie en tyfus mee. Gemiddeld stierven in de jaren na de komst van de Fransen vier keer meer mensen dan in de jaren ervoor. In sommige platttelandsgemeenten liep het aantal doden tot meer dan negen keer het normale op. De Zuidelijke Nederlanden werden beroofd van hun kunstschatten: 50.000 kunststukken verdwenen en een groot deel kwam niet terug. Die roofkunst (o.a. uit Mechelen) hangt nog altijd in de Franse musea.

    De bescherming van de arbeiders werd geliquideerd want gilden en ambachten werden afgeschaft tot jolijt van de haute bourgeoisie. Priesters moesten onderduiken of anders een eed van haat t.o.v. de monarchie afleggen. En daar kwam dan nog de verplichte legerdienst bovenop; iets wat de Zuidelijke Nederlanden nooit gekend hadden. Er zijn 80.000 Zuid-Nederlanders gesneuveld in dienst van de Franse grootheidswaanzin.

    Wat kregen de mensen in de plaats ? Een bruikbaar metriek en decimaal stelsel en via de code civil een schijnbare rechtsgelijkheid (90 % van de bevolking was te arm om daar gebruik van te maken). Maar het "progressieve en linkse" Frankrijk vond dat rechtsgelijkheid niet gold voor bijna 50 % van de bevolking. In tegenstelling tot het Ancien Régime waar getrouwde vrouwen wel rechten hadden, bepaalde la France dat gehuwde vrouwen gelijkgesteld werden aan....minderjarigen en voor alles de toestemming nodig hadden van hun man (theoretisch zelfs om een pakje boter te kopen) zoals wij nog in 1960 leerden in het Atheneum. Na 5 jaar ellende, plundering en verarming werd het iets beter na de staatsgreep van Bonaparte maar daar kwamen dan censuur en personencultus plus permanente oorlogen bij op een manier die aan Goebbels doen denken. Kortom, wat hebben wij veel aan de Fransen te danken.

    Bron: Hervé Hasquin en medewerkers in La Belgique Française 1792 -1815

    en oh ja, Hasquin -geboren in Charleroi- was rector van de ULB, minister in de Brusselse regering en niet bepaald een Franshater.

    janarthurleo
  • Ik plaats hieronder de heraldische wapens van de leenmannen van de hertog van Brabant. Het wapenschild in het centrum is dat van de Berthouts en dus niet het Duits fantasietje van mijn vraag.

    Luc
  • beste Luc,

    de afbeelding die je op het blog gezet hebt, is het (met vervormde kleuren) wapen van de familie Berthoud.

    De adelaar vindt men terug in het wapenschild in het midden (met correcte bannen) van de toenmalige Heerlijkheid Mechelen.

    Ik denk dat de oplossing te vinden is bij kenners van de heraldiek.

    Eric
  • Er zijn hier op de blog gepatenteerde historici die op alles en nog wat ' comments ' hebben...., zitten die allemaal in Blankenberge of willen ze niet toegeven dat ze nog geen antwoord weten?

    Voor mij niet gelaten maar dan moet ik wat dieper zoeken ( bedankt Tony voor je input! )

    Luc
  • Tony Schaerlaeken meent dat het wapenschild moet gedateerd worden rond 1915.  Op dat moment telde Mechelen 59834 inwoners...

    Jan Smets
  • De ondertitels zijn duitstalig, indien dat de oorsprong zou zijn, waarom moest hun adelaar dan verdwijnen? Raadsel.

    Luc
  • De kleuren zijn alvast Mechels.  Maar dat is dan ook alles.  De banen zijn 'ontspoord' op dit Duitse plaatje dat dateert uit een tijd dat Mechelen nog maar 60 000 inwoners had...

    Nooit gezien...

    Jan Smets

  • Bert,

     

    Formeel heb je gelijk maar toch ben je wat te streng in de leer. Voor de tijdgenoten was Filips de Schone in de eerste plaats nog een Bourgondiër, al had Lodewijk XI ervan geprofiteerd om het hertogdom Bourgondië weer in te lijven bij de dood van Filips grootvader Karel de Stoute. Filips was tenslotte wel de zoon van Maria van Bourgondië en van een armoezaaier als Maximiliaan de Habsburger. Filips was de laatste echte vorst van de Nederlanden die uitsluitend de Bourgondische erfenis van zijn moeder beheerde, zich niets aantrok van Oostenrijk waar zijn vader de scepter zwaaide. Zijn zoon Karel, genoemd naar de overgrootvader, werd bij zijn geboorte "onzen hertog" genoemd en die hertog sloeg terug op Bourgondië. Karel zelf heeft zijn hele leven tevergeefs geprobeerd Bourgondië terug te krijgen en gaf die opdracht zelfs door aan zijn zoon Filips (aan wie hij onder protest van de Castiliaanse edelen de naam van zijn eigen vader gaf). Karel maakte de Nederlanden zo goed als onafhankelijk van het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie in 1548 (Transactie van Augsburg) en iedereen noemt ze in die tijd de Bourgondische Kreits (een naam die voor het eerst in 1512 opduikt). Ik kan begrijpen dat een toeristische dienst die Habsburgse erfenis niet teveel beklemtoont want bij die benaming denkt men al gauw aan de  Oostenrijkse keizer Franz Joseph en Sissi. Bourgondisch-Habsburgs was wel correct geweest en dan had men de lijn kunnen doortrekken tot keizer Franz; de laatste heer van Mechelen die in 1794 zijn Nederlanden verloor en ze niet meer terug wilde in 1814 ondanks het verzoek van zijn vroegere onderdanen. Ik heb ooit in het stadsarchief een document gelezen waarbij de nieuwe vorst der Nederlanden, Willem I, laat informeren wat de Mechelse elite wenst. De meerderheid wil inderdaad de terugkeer van hun vroegere Heer die lekker ver in Wenen resideert en zich dus niet teveel kan moeien.  

     

    Wat me wel in de holle gezwollen perstekst stoort is de constante referentie naar Vlaanderen zonder het belangrijk voorvoegsel "huidige". Een van de grote kenmerken van de Bourgondische tijd is de blijvende verschuiving tot vandaag van rijkdom en macht van graafschap Vlaanderen naar hertogdom Brabant. Willem I richt zich in zijn proclamaties nog naar de Vlamingen en Brabanders en feitelijk zou Brabant een logischer benaming voor het Nederlandstalig deel van de Zuidelijke Nederlanden geweest zijn. Brabant was altijd veel meer Nederlandstalig dan Vlaanderen. De invloed van Consciences Leeuw heeft zeker een grote rol gespeeld in de keuze van de naam Vlaanderen. En omdat de Vlaamse regering de miljoenen betaalt kiest Mechelen liever voor een anachronistische benaming.

    janarthurleo
  • Laat me Rik Wouters citeren: alles is mooi zolang je het maar ziet...  ;-)

    Jan Smets
  • Zo lyrisch Jan! Zit Griekenland nog in je systeem?

    We zullen onze voeten nog eens op onze pedalen zetten de moed nemen om die richting uit te fietsen. Niet mijn geliefde omgeving zolag het daar een werf is.

    malenie
  • Leuk idee.  Misschien leest het Anker wel mee?

    Jan Smets
  • @ Jan

    Is er al iemand op het idee gekomen om van die flesillustraties ook T-shirts te verkopen?

    Moesten ze reeds bestaan dan had ik graag het adres van de zaken gekregen die die kunstwerkjes aan de man brengen. Ik vind ze TE MOOI om ze enkel maar op de flessen van de Gouden Carolus aan te brengen. Die steengoede drank schaf ik me ook nog wel aan.

    Maar ondertussen wil ik best tijdens de warmere dagen van het jaar mijn monumentale borst of rug bedekken met iets zinnigs terwijl ik van een Carolus tripel geniet.

    jevara
  • @ Jans

    Een hoogst prachtig verslag over een wel zéér speciale Mechelse dame.

    Het zal in 1955 geweest zijn dat ik met de fiets naar de Walemse velodroom trok om er Hugo De Coninck, een klasgenoot van mij, te gaan aanmoedigen tijdens een pistewedstrijd op die voor Mechelaars wel bekende wielerbaan.

    Wat ook uitzonderlijk was, en waar ik toen als vijftienjarige geen weet van had was het feit dat er die dag ook een dameswedstrijd op het programma stond en dat Victoire Van Huffel daar de overwinning behaalde. Mijn klasgenoot Hugo zijn prestatie was iets minder.

    Victoire zal toen zeventien geweest zijn en later werd zij nog meermaals Belgische kampioene naar ik vermoed?

    Maar dit is ALWEER een prachtig intervieuw over deze in de buurt van Mechelen geboren en getogen superdame die ik nog vele gezonde jaren toewens. hoed af voor jouw levensweg!

    Vooral haar jaren met die niet zo makkelijke edeldame is iets wat haar tot eer strekt. Zelf zou ik het met dat truttige mens niet hebben uitgehouden.

     Het is wel leuk dat Mechelen Blogt dit soort herinneringen kan losmaken bij oudere rakkers.

    jevara
  • Een beknopte geschiedenis van de vroegere eigenaars van dit in 1986 beschermd gebouw is te vinden op blz 65 van "Mechelen, feiten en façades" van Marcel Kocken en Luc Van Hoeylandt.

    Roger Kokken
  • peter
  • Mijn echtgenote, die Lindemans 37 jaar geleden als gyneacologe had en  zowat haar ganse zwangerschap tot zelfs bij de geboorte door haar gekleineerd werd, moet bij bovenstaand bericht wellicht gedacht hebben:  "ding dong the witch is dead".

    Roger Kokken
Inhoud syndiceren