Recente reacties

  • Hé, hé, mijn 1.0 is gesigneerd door de auteur met vermelding van mijn "nickname" ;-)

    Jokke oep zeun blokke
  • Jokke en Roger de 1.0 versie wordt een "verzamel item"! Jullie hebben een primeur in huis.

    ikke ook trowens.

    malenie
  • Ikke-n-oek Jokke, ikke-n-oek!

    Roger Kokken
  • Jammerlijk genoeg kan je een boek niet updaten in de Appstore of op Google!

    Nu zit ik daar met mijn oude versie 1.0 ;-)

    Jokke oep zeun blokke
  • Dat wéten we allemaal.  Dat is dan ook duidelijk zo gecommuniceerd.  Ten vroegste binnen twee jaar volgt de volgende fase in het restauratieproces.  Dat kan pas na de toekenning van de restauratiepremie van de Vlaamse overheid.  Maar de kerk is nu 'gebruiksklaar'.  De rest volgt.  Men wilde alleen niet dat er nog langer niet gebruik kon gemaakt worden van deze ruimte.   De wijk en de parochie wachten nu immers al 17 jaar.  Dus: goeie beslissing. 

    Jan Smets
  • Opvallend hoe al deze foto's de echte toestand van de kerk niet weergeven. Na 17 jaar is het dak nog steeds niet in orde. De nieue deuren richting tuin zijn niet afgewerkt, het PUR-schuim zie je zo zitten, de waterschade op de muren is niet weggewerkt, de draden van de geluidsinstallatie hangen er maar wat bij, ... Deze kerk is nog niet af en het zal nog lang duren voor dat het geval is.
    Ik vind het een schande dat dit zo is geopend! Men heeft trouwens geld en tijd genoeg gehad.

    JC
  • De ontwerper van de Sint Jozef-Colomakerk was een begaafd architect die een indrukwekkend oeuvre heeft nagelaten. Indrukwekkend omwille van de veelheid aan gebouwen van zijn hand, maar ook indrukwekkend omwille van de kwaliteit en het vernieuwend karakter van zijn werk.

    Eduard Careels werd op 3 februari 1857 in Lier geboren. Nadat hij aanvankelijk als leerjongen bij een schrijnwerker had gewerkt, behaalde hij tussen 1871 en 1876 verschillende prijzen aan de teken- en bouwkundige school van de Stad Lier.

    Na jobs als klerk-tekenaar en als conducteur bij het Antwerpse provinciebestuur, werd hij op 18 juli 1899 tot provinciaal bouwmeester benoemd, een functie waarmee hij in de voetsporen trad van de architecten J. Schadde en L. Blomme. Careels had in 1879 de “1er prix d’Excellence” aan de ‘Académie Royale des Beaux Arts à Anvers’ behaald in de afdeling ‘Architecture Civile’).

    Eduard Careels oefende zijn functie als provinciaal architect uit tot 1 januari 1929. Zijn zoon Gustaaf (Lier 13.02.1896 -Lier 19.09.1975) volgde hem op. Eduard Careels overleed op 22 oktober 1933.

    Careels was een zeer getalenteerd architect. Zowel de Vlaamse neorenaissancestijl (1) als het eclectisme (2) -waar- in diverse elementen uit verschillende historische stijlen tot één homogeen geheel worden verwerkt- beheerste hij feilloos. Hij was ook niet bang om met nieuwe bouwmaterialen te experimenteren.

    Careels was ook een meester in de neogotiek. Dat blijkt zeer duidelijk uit heel wat van zijn realisaties her en der op het grondgebied van de provincie Antwerpen. Zelfs wie enkel de indrukwekkende verwezenlijkingen in Onze-Lieve-Vrouw-Waver bekijkt, is onmiddellijk overtuigd van het kunnen van Eduard Careels. De man nam immers niet alleen de bouw van het complex met raadhuis, pastorie en kerk op zich, hij was ook verantwoordelijk voor de plannen van de kloosterkerk met gaanderijen en voor de toren van het normaalschoolgebouw. Bij de wederopbouw na de eerste wereldoorlog tekende hij ook voor het markante neogotische uitzicht van het volledige kloostercomplex der zusters Ursulinen.

    Ook in de Art Nouveau voelde Careels zich thuis. Dit is af te leiden uit een merkwaardig complex waarin art nouveau-elementen met mozarabische invloeden vermengd zijn. Ook de zeer geslaagde wederopbouw van de nu befaamde wintertuin van de Waverse zusters Ursulinen getuigt van die gevoeligheid.

    Eduard Careels heeft een gigantisch oeuvre nagelaten. Een exhaustieve lijst opmaken is haast onbegonnen werk. Bij het begin van zijn carrière liet de architect zich al snel in de vakpers opmerken met het in 1884 in Vlaamse neorenaissancestijl gebouwde ‘In ’t Valkennest’ aan de Rubenslei te Antwerpen. Helaas is dat pand eind jaren 1980 verdwenen. Deze realisatie werd vermeld en later ook afgebeeld in het gezaghebbende tijdschrift L’Emulation. Ook het geruchtmakende woningensemble met sgraffiti van Paul Cauchie in de Mechelsestraat 53-73 in Lier (1905) mag niet onvermeld blijven. Het geheel is sinds 1992 alsmonument beschermd. De verbouwde Villa Boël - nu Villa Castel Vera- uit 1907 vertoont dezelfde invloeden. In he Mechelse heb je ondermeer het rusthuis De Billemeont de Raedt ( Sint-Katelijne-Waver), de Onze-Lieve-Vrouwkerk in Bonheiden, het gemeentehuis, de school en pastorie in Rijmenam, de kerk Sint-Gerardus Majella met pastorie in Putte-Grasheide, de kerk Sint-Franciscus van Sales met pastorie in Duffel-Mijlstraat, de Sint-Jozefkerk Coloma in Mechelen,

    Kortom, Eduard Careels was een grote meneer.

    Bron: Mario Baeck: “Provinciaal bouwmeester Eduard Careels” in “Het neogotische geheel van Onze-Lieve-Vrouwkerk, raadhuis en pastorie te Onze-Lieve-Vrouw-Waver, O.-L.-V.-Waver”, Jozef van Rompay-Davidsfonds-Genootschap vzw, 2003, (Mededelingen XV), p. 63-67

    peter
  • Kunst is relatief en is in ieders ogen anders.  Tenslotte is alles zoveel waard als de zot er wil voor geven zegt men...

    Roger Kokken
  • ik heb hem inmiddels ook aangeschaft. nu nog tijd vinden :)

    Marc VC
  • Gisteren nog per fiets langsgekomen, het tovert toch steeds een glimklach op mijn smoel :)

    Marc VC
  • Mij was het inderdaad al opgevallen

    ooit, als ik eens tijd heb, zou ik dat ook nog wel willen proberen, als het leven weer wat rustiger is en de gezondheid het dan dan nog toelaat.

    Marc VC
  • Jef was een gedreven man in alles wat hij deed.

    Mijn deelneming voor Mieke, Elke, ... en de ganse familie.

    peter
  • "In den doenker zén alle katten graas" wordt weeral tegengesproken door het fotoverslag van JanS!

    Het verschil met de zondagnamiddagwandeling ....

    Jokke oep zeun blokke
  • Op woensdagavond meegaan heeft zo ook zijn voordelen. 

    Het glasraam van het Chabothuis zegt niet veel langs buiten overdag.

    We genieten van de mooie avond foto.

    In feite zou je twee keer moeten meegaan, want ook nu zijn er andere dingen te zien dan zondag.

    Of ik heb weer niet goed gneoeg opgelet, kan ook natuurlijk. 

    malenie
  • Jawadde dat is rap! Ik zal wel weer niet goed geluisterd hebben of Marianne heeft dat niet verteld van dat fluitje en die huizen die wegreden.Het was weer eens heel boeiend. Een grote merci aan Marianne, die de "korte" toer voor haar rekening nam. Wij hadden ook een zeer ervaringsdeskundige "ex-bewoner" bij, die zich nog heel goed een en ander uit zijn jeugd in de wijk herinnerde.Het moet daar toen plezant wonen geweest zijn.Veel van die huisjes zijn heel mooi opgeknapt. Zo hier en daar staat er wel een sukkelaarke tussen, dat een likje verf kan gebruiken...

    malenie
  • Wat er gebeurde weet ik niet maar de foto werd genomen in 1973.

    Luc
  • Tièns?  van wanneer dateert deze foto?  En wat gebeurde er?

    Jan Smets
  • Wat een schande! Wie doet nu zoiets?

    Luc
  • Gust de Rees dacht dat het erg was maar het historisch onderzoek was nog jong want het was nog veel erger dan hij al dacht.

    De Franse invasie begon met vandalenstreken: vernietiging van de gebouwen van de abdijen van Affligem, Villers en de magnifieke Sint-Lambrechts in Luik.

    "Beroof België van zijn bestaansmiddelen" was de letterlijke opdracht die de schurk Lazare Carnot (inderdaad van de Carnotstraat) aan de Franse sprinkhanenlegers gaf. Alle achterstallige belastingen moesten binnen de 24 uur van de bezetting betaald worden. De Zuidelijke Nederlanden kregen direct een oorlogsbelasting opgelegd van 2 maal de inkomsten van een normaal belastingsjaar. Alle ijzer, kolen, hout, oliën  enz. benevens alle paarden en karren werden in beslag genomen en vergoed met assignaten. Dit waardeloos papier was één jaar later nog ...2% waard van de nominale waarde. Er werd niet langer meer wol, suiker, tabak enz. geïmporteerd zodat de vele thuiswerkers geen grondstoffen meer hadden. De werkloosheid die in de Zuidelijke Nederlanden minimaal was, steeg naar 50 % (in Leuven had nog 10 % van de arbeiders werk). De zogenaamde bevrijders van de obsccure katholieke kerk schaften de verplichte kerkelijke tienden NIET af en eisten ze zelf op. De ongedisciplineerde Franse legers brachten dysenterie en tyfus mee. Gemiddeld stierven in de jaren na de komst van de Fransen vier keer meer mensen dan in de jaren ervoor. In sommige platttelandsgemeenten liep het aantal doden tot meer dan negen keer het normale op. De Zuidelijke Nederlanden werden beroofd van hun kunstschatten: 50.000 kunststukken verdwenen en een groot deel kwam niet terug. Die roofkunst (o.a. uit Mechelen) hangt nog altijd in de Franse musea.

    De bescherming van de arbeiders werd geliquideerd want gilden en ambachten werden afgeschaft tot jolijt van de haute bourgeoisie. Priesters moesten onderduiken of anders een eed van haat t.o.v. de monarchie afleggen. En daar kwam dan nog de verplichte legerdienst bovenop; iets wat de Zuidelijke Nederlanden nooit gekend hadden. Er zijn 80.000 Zuid-Nederlanders gesneuveld in dienst van de Franse grootheidswaanzin.

    Wat kregen de mensen in de plaats ? Een bruikbaar metriek en decimaal stelsel en via de code civil een schijnbare rechtsgelijkheid (90 % van de bevolking was te arm om daar gebruik van te maken). Maar het "progressieve en linkse" Frankrijk vond dat rechtsgelijkheid niet gold voor bijna 50 % van de bevolking. In tegenstelling tot het Ancien Régime waar getrouwde vrouwen wel rechten hadden, bepaalde la France dat gehuwde vrouwen gelijkgesteld werden aan....minderjarigen en voor alles de toestemming nodig hadden van hun man (theoretisch zelfs om een pakje boter te kopen) zoals wij nog in 1960 leerden in het Atheneum. Na 5 jaar ellende, plundering en verarming werd het iets beter na de staatsgreep van Bonaparte maar daar kwamen dan censuur en personencultus plus permanente oorlogen bij op een manier die aan Goebbels doen denken. Kortom, wat hebben wij veel aan de Fransen te danken.

    Bron: Hervé Hasquin en medewerkers in La Belgique Française 1792 -1815

    en oh ja, Hasquin -geboren in Charleroi- was rector van de ULB, minister in de Brusselse regering en niet bepaald een Franshater.

    janarthurleo
  • Ik plaats hieronder de heraldische wapens van de leenmannen van de hertog van Brabant. Het wapenschild in het centrum is dat van de Berthouts en dus niet het Duits fantasietje van mijn vraag.

    Luc
Inhoud syndiceren