"Vue des environs d'Utrecht" (J.B. De Noter)

met categorie:  

Eind oktober vorig jaar kwam er op Facebook de vraag naar de locatie van de tekening die op een veilingwebsite te koop werd aangeboden. Deze prent had als beschrijving meegekregen 'Vue des environs d'Utrecht, 1827, getekend De Noter'. Meteen kwam echter de vraag, Jean-Baptist De Noter, dat is toch een Mechelaar. Zou die prent niet eerder in het Mechelse te situeren zijn?

Ik ging op onderzoek uit en kwam tot een interessante bevinding...

 

Wie was Jean-Baptist De Noter, geboren in Walem op 30 november 1786 en gestorven in Mechelen op 8 mei 1855. Jean-Baptist was de zoon van Pieter-Frans, schrijnwerker maar ook tekenaar en Mechels stadsarchitect. Net als zijn vader leerde hij tekenen en architectuur aan de Mechelse Academie. Op zijn 18de jaar verhuisde hij naar Gent waar hij trouwde met Charlotte Maya. In 1822 verhuisde hij weer naar Mechelen, waar hij tevergeefs solliciteerde naar een betrekking aan de academie of als stadsarchitect. 

Jean-Baptist tekende vooral historische stadsgezichten, eerst van Gent, later van Mechelen. Hiervoor gebruikte hij oude stadsplannen en tekeningen. Veel van zijn geschilderde gebouwen heeft hij echter nooit gekend, toch gebeurde alles met een zeker realisme. 

  

Hij werkte vanuit een potloodschets die nadien werd uitgewerkt met een gebroken inktlijn. De tekening werd achteraf ingekleurd met grote kleurvlakken in een zacht coloriet. De luchten zijn bijna steeds lichtblauw of lichtpaars, figuurtjes verlevendigen de gebouwen.

Tussen 1830 en 1850 plaatste kanunnik Schöffer bij De Noter een bestelling van 340 aquarellen. Deze collectie werd (samen met andere tekeningen) in 1878 door de stad aangekocht en wordt nu bewaard in het Mechelse Stadsarchief, en kan je hier raadplegen.

'Vue des environs d'Utrecht'

Toen ik de prent onder ogen kreeg, rees meteen mijn vraag naar de beschrijving. De achtergrond kwam totaal niet overeen met deze die gekend zijn van Utrecht, en de naam 'De Noter' is dan weer gelinkt met Mechelen (waar hij net weer woonde). 

Wat geeft de aquarel weer? Aan de horizon rijst er een stad met verschillende (herkenbare) (kerk)torens, waaronder links de Sint-Romboutstoren, centraal deze van de Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk en rechts de koepel van de Hanswijkbasiliek. Echter, de aandacht gaat naar een groot vierkant domein, met vele waterpartijen, bosschages, een Franse tuin en een classicistisch aandoend kasteeltje. 

Nu zijn er rond Mechelen verschillende buitengoeden gekend, zoals onder meer CaputsteenPlanckendael en Betzenbroeck. Maar steeds was er een probleem met de oriëntatie ten opzichte van het stadsgezicht. Het was dus zoeken en vergelijken op oude kaarten en met tekeningen.

Het was echter de kaart van Ferraris (hieronder weergegeven), opgemaakt tussen 1770 en 1778, die de oplossing gaf. Wanneer Jean-Baptist De Noter kreeg om een aquarel te maken van het buitengoed, was dat in de eerste plaats niet om correct te zijn, maar wel om de rijkdom en de oppervlakte van het domein weer te geven. Het domein was ook nooit mooi vierkant maar had eerder een grillige vorm zoals duidelijk te zien is op de kadasterkaarten van Le Brun ('Tableau d'Assemblage du plan géométrique parcellaire de la ville de Malines' opgemaakt tussen 1808-1810) en Popp (1858-1869). Een kleine opmerking moet hier wel gegeven worden, de Popp-kaart geeft de situatie weer ten tijde van het pensionaat, het kasteeltje van Coloma was toen vervangen door een groter gebouwencomplex.

Een eerste vergelijking tussen de prent en de Ferrariskaart levert enkele opmerkelijke details, gelijkenissen en verschillen op. Jean-Baptist de Noter gaf de realiteit altijd mooier weer dan de werkelijkheid. Hij had ook een zwak voor groothoekperspectief, om de schoonheid beter tot zijn recht te laten komen, details worden vergroot en minder belangrijke elementen worden vaak weggeduwd.

Toch zijn op de Ferrariskaart en de aquarel van De Noter enkele zaken duidelijk herkenbaar en overeenstemmend. Zo was er centraal in het domein een soort dreef, een grote vijver, een Franse tuin en een door water omgeven bosschage. Ook het kasteel is rechts onderaan terug te vinden (zij het op de kaart rechtsonder en bij de Noter linksboven de Franse tuin). Het molentje bovenaan de vijver stond vermoedelijk op een eilandje, zoals ook te zien is op de kadasterkaarten.

  

Een opvallend landschappelijk element is door De Noter echter niet weergegeven: het Kanaal Leuven-Dijle, gegraven tussen 1750 en 1752. Allicht vond hij dit kanaal 'teveel' water naast de vele waterpartijen in het domein. Echter de knik in de Tervuursesteenweg (de brug over het kanaal) heeft hij wel weergegeven.

Op de kaarten van Popp en le Brun - die wel overeenkomen met de toenmalige realiteit - is een gelijkaardige situatie terug te vinden: het Engels landschapspark met een grote vijver, veel waterpartijen en een rechthoekig kasteel. Let eens op de kronkelende noordelijke waterpartij, die duidelijk terug te vinden is op de aquarel van De Noter. 

Opmerkelijk is wel het weergegeven kasteel. Op de aquarel met het domein staat er een classicistisch rechthoekig gebouw met twee bouwlagen. Een andere aquarel van De Noter 'Buytengoed der Heeren van Hanswyck, na hun vernietiging gekogt door den graef Coloma' toont dan weer een klein gebouwtje van één bouwlaag onder een mansardedak. Of was dit laatste gebouwtje een bijgebouw? Of heeft De Noter het 'Hof van Hoogstraten' als voorbeeld genomen? De situering van het kasteeltje komt echter wel overeen met de situering op de rechteronderhoek van de aquarel van het domein, ook daar is het kasteel gelegen aan een vijver met een Franse tuin.

Tenslotte is er de bebouwing nabij de Withuisbrug aan de 'Vieille route De Malines à Bruxelles' (nu Tervuursesteenweg) rechts op de aquarel, die ook terug te vinden is op de Ferraris- en de Popp-kaart. De monumentale arduinen toegangspoort - gesloopt in 1968) is weergegeven op de zowel de Popp-kaart als de aquarel. 

 

Het 'Coloma'-domein kent een lange geschiedenis. Ooit was het domein - 'Vorschenborg'  genaamd - eigendom van de familie Berthout. Eind 16de eeuw stond er even een poederfabriek maar was vanaf 1610 ingericht als lusthof.

De Ferrariskaart vermeld - onder Vorschenborch ook 'Maison Blanche Cabaret', maar dit was een afspanning aan de Withuisbrug over het kanaal. Dit Cabaret is ook op de aquarel door De Noter afgebeeld, een langgerekt wit gebouw rechts onderaan. 

In 1727 kwam het twee en een halve hectare grote buyten goed in handen van de dalscholieren van Hanswijk en richtten het in als retraiteverblijf. Na opheffing van het klooster in 1784 kwam de domein in handen van de Jean Ernest Guîlain Xavier Coloma, baron van Sint-Pieters-Leeuw. De gebouwen kregen een residentieel karakter, de tuinen werden als Engels landschapspark aangelegd en er kwam een monumentale inkompoort (afkomstig van zijn kasteel aan de kasteelstraat in Willebroek).

Na de dood van Coloma werd het kasteel een café-restaurant en de tuin een openbaar park. In 1846 werd het domein verkocht aan de Aalsterse congregatie van de Dames de Marie om er een pensionaat voor 'juffrouwen van goede stand' op te richten. Het kasteel werd vervangen door een indrukwekkend neoclassicistisch gebouw van drie bouwlagen, echter verwoest bij de bombardementen van 1944.

Nu staan er op het domein enkel maar troosteloze schoolgebouwen, enkel de centrale vijver en de beken aan de noordkant herinneren nog aan de weelderige tuinaanleg van vroeger.

Al de bedenkingen samengenomen, mag gesteld worden dat de 'Vue des environs d'Utrecht' een foutieve beschrijving betreft (is het een historische fout, of wist men niet beter?). De Aquarel draagt beter de titel: 'Zicht op het domein Coloma'.

  

 

  

 

 

Ik heb er mijn kop ook al over gebroken...  Eerst leek me het ook weinig waarschijnlijk, maar toen geopperd werd dat het wellicht zou kunnen gaan over het domein van Coloma (in de voorgrond op de vergroting van de prent), begon ik sterk te twijfelen...  Wellicht toch waar?

Deze maquette fotografeerde ik jaren geleden in het toenmalige spoorwegmuseum van Mechelen.  Het toont de toestand van het domein Vorschenborg-Coloma rond 1800.  De Leuvense vaart is al gegraven.  Van de spoorweg is nog geen sprake.  Duidelijk ik ook de Tervuursesteenweg te zien.  Verder is de 'Hanswijkenhoek' nog erg landelijk...

Die maquettes hangen trouwens nu in t speelgoedmuseum