't Zennegat - in de plooien van een stad

met categorie:  

 

(foto's: Jan Smets)

Het gezellige, wat 'rommelige' Zennegat is wellicht één van de meest merkwaardige en pittoreske plekjes van onze stad - geliefd bij wandelaars en fietstoeristen die er graag pauzeren in dat heerlijk bruine cafeetje waar de tijd bleef stil staan.  Deze uithoek van Mechelen ademt pure poëzie.  Eeuwenoud is deze negorij gelegen aan de oevers van Dijle en Zenne.  Toen de Leuvense vaart in 1753 werd ingehuldigd won dit knooppunt aan belang.  Nochtans had het graven van dit kanaal verregaande gevolgen voor het toen nog erg landelijke Battel.  Het werd hiermee in twee delen gescheiden.  Maar of de Battelaars, en bij uitbreiding alle Mechelaars, veel in de pap zouden te brokken gehad hebben, is maar zeer de vraag.  Inspraak kregen de Mechelaars niet.  Opdrachtgever was immers Leuven...

 

 

Het Zennegat lag van oudsher in een drassig gebied: een groot broek.  Nu nog is het natuurgebied den Batteleer een waardevol stukje groen dat we maar al te graag koesteren.  Het vaarttraject werd uitgetekend door het Battelse akkerland en verkleinde hiermee de oppervlakte van de landbouwgrond die hier al schaars was.

Het misnoegde Battel moest echter de duimen leggen.  Protest had geen zin.  De schop ging in de grond.  Maar de monding van het kanaal aan het Zennegat gaf problemen.  Het gebied werd immers doorkruist door beekjes en kanaaltjes, zoals de Battelvliet, wat maakte dat het terrein in slechte staat verkeerde.  Een duiker bouwen zou de oplossing kunnen bieden, maar werd te duur bevonden.

In 1750 gingen de graafwerken van start.  Heel wat problemen doken echter op zoals dijkbreuken tussen Battelbrug en Zennegat.  De ondergelopen weilanden raakten nadien moeilijk ontwaterd.  Streep door de rekening van de Battelaars.  Gras en hooi waren belangrijk voor de landbouwers.  Dat ging verloren in dit nu moerassige gebied.

Toch won het Zennegat aan belang nadat het eerste schip op 23 juli 1753 van Leuven naar hier kwam opgevaren. 

 

 

In 1757 braken de dijken echter opnieuw.  Net voor het Zennegat.  een ware catastrofe.  Het maakte dat het kanaal tijdelijk gesloten werd.  Men vreesde zelfs voor de exploitatie van de vaart in de nabije toekomst.  Nieuwe sluizen brachten gelukkig soelaas.  Sinsdien begrepen de Batelaars wél het economische belang van het nieuwe kanaal.

En er kwamen meer huisjes op het Zennegat.  Het werd zelfs een favoriete trekpleister voor palingliefhebbers door de paling die daar in de herbergen werd geserveerd...

 

 

Er valt nog veel meer te vertellen over dit plekje, maar het zou ons te ver leiden.  Het kleine gehuchtje werd later nog een geliefkoosde stek voor hippies, en de Mechelse kunstenaar Frans Croes woonde er en had er zijn galerij...  Enne: welke Battelaar kent niet het verhaal van de nooit opgehelderde moord op de  zonderling Joppe Castoor.  (zijn naam leeft nog voort in het rivierschip aan Battelbrug dat een jeugdhuis herbergt).

Het Zennegat: in de plooien van een stad.  Pure poëzie.  En dat toon ik graag met deze foto's die ik er schoot en de mijmertekst die ik neerschreef...

 

 

 

 

niet gedateerde foto van het Zennegat uit het Felixarchief van Antwerpen (vermoedelijk jaren 60)

https://felixarchief.antwerpen.be/detailpagina?invnr=FOTO_44834&dtnr=1224_48&dtrecordid=64995&page=1&pageSize=10&type=copy&view=thumb

Merkwaardig hoe men de loop van de Dijle en de Zenne in de omgeving van het Zennegat tussen 1858 (kadasterkaart Popp) en nu gewijzigd heeft.