Vergeten vleugels

met categorie:  

 

(foto's: Jan Smets.  Boven auteur Bruno Gielis)

Het leest als een thriller - een bloedstollend scenario voor een oorlogsfilm.  Maar het is een waargebeurd verhaal.  In een tijdspanne van tien jaar sprokkelde Bruno Gielis de brokstukken van een vergeten episode bij mekaar.  Geduldig puzzelde hij de gebeurtenissen van een junidag in het jaar 1942 tot een geheel.  Namen kregen een gezicht en werden mensen van vlees en bloed.  Vijf jonge mannen treden uit de nevelen der tijd.  Vijf jonge mannen verbonden door het noodlot...

Op 2 juni van dat bewuste oorlogsjaar wordt een RAF-bommenwerper neergehaald, niet zo gek ver van Mechelen: in het Brabantse Perk.  In het toestel zitten drie Engelse en twee Canadese vliegeniers, die terugkeren na een luchtaanval op het Duitse Essen.  Nog even, en ze zijn weer thuis - bij hun vrienden en familie.... Een vijandelijke nachtjager trekt een streep door de rekening.  De crash volgt.  Twee Britten komen om.  Twee anderen worden opgepakt door de nazi's.  De vijfde - een Canadees kan ontsnappen via de vluchtlijn Comète.

De zoektocht naar de vergeten feiten brengt de auteur bij een nevenverhaal - een pijnlijke spin-off.  Bij het speurwerk naar deze vliegenier - de Canadees die wist te ontsnappen - worden feiten en namen verward.  Zo ontdekt Bruno het verhaal van een Britse militair van een andere bommenwerper die met zijn parachute z'n toestel kon verlaten en via Comète de weg naar de vrijheid zou vinden.  Hierbij werd hij geholpen door ...een Mechelaar - Jean Paul Huyghebaert - oudste zoon van de toenmalige directeur van het overbekende Mechelse bedrijf-met-die-naam.  Hij zal deze heldhaftige daad met de dood moeten bekopen.  Hij wordt gefussileerd.

Gisterenavond werd in de bibliotheek van Steenokkerzeel het boek 'Vergeten Vleugels' van Bruno Gielis voorgesteld, waarin hij dit alles spannend en vlot uit de doeken doet - rijkelijk aangevuld met tal van documenten en foto's uit verschillende archieven en andere bronnen.  Het boek  werd uitgegeven door de Mechelse uitgeverij ElenA.  In de volle zaal met toehoorders zaten ook twee Engelse dames - familieleden van één van de omgekomen vliegeniers.  Ook aanwezig was Paulette Huyghebaert - nicht van de terechtgestelde Jean-Paul.  Met haar en haar echtgenoot heb ik een fijne babbel...

 

 

Bruno, geboren in 1961, is opgegroeid in Perk - niet ver van de nationale luchthaven, en dit verklaart grotendeels zijn passie voor het vliegwezen.  Zijn vader, die in 2015 overleed, was bovendien werknemer bij Sabena.  Als kereltje van elf jaar knutselt hij zlefs een boek in mekaar met de ronkende titel 'vliegers'...  Wie zou toen ooit kunnen indenken hebben dat hij vele jaren later nog een écht boek zou schrijven en uitgeven?

 

Ik had het zelf nooit gedacht dat het tot een boek zou komen.  Ik verzamelde wel heel wat materiaal over deze bewuste crash, maar het was mijn omgeving die aandrong dat ik het zou uitbrengen.  Vandaar.  Tien jaar ben ik er mee bezig geweest...  Natuurlijk niet elke dag.  Soms ging de zoektocht vlot; op andere momenten verliep het heel wat moeilijker.  Soms dacht ik de pijp aan maarten te geven, maar toch zette ik door...

 

(toelichting door Frank Raeman, werkzaam bij de Belgische Defensie, die erg lovend is over het minitieuze werk van de auteur)

 

Dit vertelt met de auteur die nu in Kluizen woont  en al jaren werkt als zelfstandig tuinontwerper nadat hij in het verleden afstudeerde als tuin-en landschapsarchitect.

 

Mijn grootouders woonden ook in Perk en is was steeds geboeid door de vertellingen van mijn grootvader over de oorlog.  Zo had hij het ook over twee Belgische militarien die crashten in de perkse velden.  Veel meer kon hij er ook niet over vertellen.  Het verhaal intrigeerde me.  In een boekje van de Heemkring las ik over een kruis in diezelfde velden dat daar werd opgericht voor de slachtoffers van een andere crash: deze van een Wellington bommenwerper met een Canadees-Engelse bemanning waarbij twee van hen omkwamen.  Er hadden zich dus twee crashes voorgedaan in bijna de zelfde omgeving - amper enkele honderden meters verder.  Ik ben toen op onderzoek gegaan. Ik wou hier meer over weten en weten wie deze bemanningsleden waren. Ontelbare Duitse, Engelse en Canadese documenten heb ik doorploegd.  Ik zoch in musea, bibliotheken en in militaire archieven.  Ik heb gepraat met schaarse getuigen en zocht naar familieleden van de vijf vliegeniers....

 

 

Alle vijf heeft Bruno kunnen opsporen.  Zo kon hij de noodlottige dag reconstrueren - maar ook vernam hij meer over de persoonlijke levens, de oorlogsmémoires (die sommigen minitieus hadden neergeschreven...).  Hij vernam meer over hun militaire opleidingen, over de Duitse kampen, de dodentochten en de ontsnappingslijn Comète.  Die zoektocht heeft veel tijd en geduld gevraagd.  Soms stuitte hij op moeilijkheden zoals de privacywet.  Ook heeft hij voor twee professionele hulp moeten inroepen.

 

Ik was een soort van dedective geworden... Honderden brieven schreef ik.  Het vinden van de vijf vliegeniers gaf me veel voldoening.  Ook de families heeft het veel deugd gedaan dat ik deze jonge militairen voor het voetlicht wou brengen.  Speciaal uit Engeland zijn twee zussen overgekomen voor deze boekpresentatie.  Morgen bezoeken we de plek waar het vliegtuig is neergekomen, het kerkhof van Perk waar de twee overleden bemanningsleden werden begraven, voordat ze werden herbegraven op een militaire begraafplaats in Adegem.

 

 

(Trisha Pearce en Ginny Stancomb)

 

Die twee zussen zijn Trisha Pearce en Ginny Stancomb.  Hun moeder Joan Mary Manktelow was de jonge weduwe van de omgekomen piloot Ronald James Robinson (°1914 - Hampstead London).  Op tweede Kerstdag van het jaar 1941 huwt het jonge paar.  Veel tijd om te genieten van de wittebroodsweken hebben ze niet.  Het is oorlog en Ronald heeft nog verschillende missies voor de boeg.  Enkele maanden later volgt de fatale crash.  Ronald komt om.  Hij is amper 28 jaar. Twee maand later gaat Joan in dienst bij de vrouwelijke afdeling van de Royal Air Force.  Hun huwelijksgeluk was van erg korte duur.  Ze ontvangt postuum in Buckingham Palace uit de handen van de koning een medaille...   Joan hertrouwt later met Kenneth Kearny en krijgt twee dochters: Trisha en Ginny.

Als Bruno hen op het spoor komt vertellen ze dat hun moeder het jaar voordien overleden is.  Ze bezorgen Bruno tal van foto's, plakboeken, foto's en krantenknipsels.

Nu zijn ze in België.  Op de eerste rij zitten ze bij de boekvoorstelling, en één van hen kan haar tranen niet verbergen als ze de foto's van haar moeder in het boek ziet.  Hun moeder sprak erg veel over haar eerste man...  Nooit kon ze hem vergeten.

 

 

Op zijn zoektocht naar de Canadees die het toestel heelhuids kon verlaten en kon ontsnappen zit Bruno eerst op een verkeerde piste.  Een naamsverwarring.  Maar zo belandt hij wel bij het verhaal van Jean Paul Huygebaert die hulp verleende aan een Brits militair van een andere bommenwerper.  Het begint bij Harold Edison DeMone.  Die zou zijn neergekomen in de omgeving van het Mechels Broek.   Eerst vindt hij onderdak in een Humbeekse brouwerij.   Zijn legeruniform werd verbrand en hij kreeg burgerkleren.  Er wordt contact gelegd met Comète om hem verder te helpen.  Het verhaal leest als een aflevering uit de TV-serie 'Ontsnappingsroute'.  Ik ga dus niet de hele story uit de doeken doen: die moet je zeker lezen in dit boek dat ik jullie ten zeerste kan aanbevelen.

 

Om het kort te maken: de speurtocht leidt naar Jean-Paul Huyghebaert  die hielp bij de vlucht van soldaat Douglas Wrampling, die hij ontmoet in café Bali in Zemst.  Cafébazin Louise Vissers trekt zich het lot aan van de daar neergestreken soldaat en vraagt Jean-Paul om haar te helpen.  Dat doe hij door de totaal onderkomen soldaat eten, kledij en schoenen te bezorgen, en hem samen met ene Romain Joeghmans naar Brussel te brengen.  Dit zal hen duur te staan komen.  Ze worden verraden door een dienster van dit café en samen belanden ze in de gevangenis van Sint-Gillis.  Ondanks de vele pogingen van de familie Huygebaert die invloedrijke vrienden heeft, slaagt men er niet in om de executie te voorkomen. Op 23 september 1942 wordt hij voor het vuurpeleton gebracht. Romain deelt hetzelfde lot. Het lijk van Jean-Paul wordt in het geheim begraven in het kamp van Beverloo-Leopoldsburg en in 1945 ontgraven en overgebracht naar de familiekelder in Hofstade. Net voor hij zijn doodsvonnis kreeg schreef hij nog een aantal brieven naar familieleden.  Ze getuigen van grote sereniteit. 

Ik praat met zijn nicht Paulette Huyghebaert en haar echtgenoot André Mathot...

 

(André en Paulette Mathot-Huyghebaert)

 

Jean-Paul was de oudste drie zonen.  Hij werd geboren in 1915.  Nadien volgde nog mijn oom Luc in 1919 en mijn vader Yves in 1923.  Het is mijn overgrootvader Denis-Jean Huyghebaert die de firma heeft gesticht in 1881 door een bestaande groothandel in de Katelijnestraat over te nemen.  Hij zou er een woning betrekken.  Dat was het begin van de latere groothandel die mijn grootvader Eugene vanaf 1919 verder tot ontwikkeling zou brengen.  In 1928 fussioneerde ze met groothandel Verlinden die ook in de Katelijnestraat gevestigd was.  Sinsdien groeide en bloeide de zaak.  Koloniale Waren Huygebaert was een begrip.  in 1958 zou de firma dan uiteindelijk naar de Molenweide uitwijken totdat er in 2014 definitief een punt achter werd gezet...  Maar goed; laat ik het maar over mijn oom Jean-Paul hebben.    Dit was een echt trauma voor de familie.  Er werd nog lang en veel over gepaat. Vooral door mijn grootmoeder.  Ze noemde hem de beste van haar drie zonen.  Maar dat kan ik wel begrijpen gezien de dramatische omstandigheden.  Hij moet een 'schone' jongen geweest zijn waar veel meisjes verliefd op waren.  Hij heeft zich als een held gedragen, en heeft dit met zijn leven moeten bekopen.  Grootvader heeft alle mogelijke instanties gecontacteerd om de terechtstelling te voorkomen.  Tevergeefs.  'Door begunstiging van den vijand' kwamen ze voor het krijgsgerecht.  Ze hadden een omlaag geschoten vijandelijke vliegenier steun verleend en verzuimd hem bij den dichtsbijzijnden Duitschen post aan te geven'.... Toch klonken zijn brieven uit de gevangenis naar ons allen niet verbitterd.  Integendeel.  Er staat één afgedrukt in het boek, maar we bezitten er thuis nog andere.  Maar deze vinden we te privé... Wel kan ik vertellen dat hij aan mijn vader schreef dat hij zijn eerste kind naar hem zou vernoemen.  Ik ben geboren in 1946.  Ik heb mijn oom nooit gekend daar hij in 1942 stierf.  Ik draag zijn naam: Paulette.  Mijn zoon heeft ook de naam Paul gekregen.   Voor mijn grootouders moet de dood van hun oudste zoon moeilijk om dragen geweest zijn.  Toch koesterde men nooit wrok.  Ook niet tegen de  vrouw die hem verraden heeft...  De geschiedenis is vergeten.  Het is ook zo lang geleden.  Al ben ik er van overtuigd dat een aantal oudere Mechelaars deze feiten nog wel kennen...

 

 

 

André werpt even terloops op dat de naam van nonkel Jean-Paul niet vermeld staat bij de oorlogsslachtoffers in de inkomhal van ons stadhuis...  Maar een drama maakt hij er niet van...

Paulette en André wonen nu in het grootouderlijke huis van de familie in Hofstade dat bedoeld was als weekendhuis.  Zijzelf is geboren op de Schuttersvest, en ze woonde lang in het familiehuis in de Katelijnestraat.  Ze blijft zich helemaal Mechelse voelen.

De tijd heelt alle wonden... De oorlog is reeds lang voorbij...  Soldaten en helden..., vergeten...

Het boek van Bruno brengt een aantal van hen terug tot leven: een fascinerend verhaal dat ontroert en en beklijft en een grote documentaire waarde heeft.

uitgegeven bij ElenA en verkrijgbaar in de boekhandel aan de prijs van 29,50 euro.   Garengenaaid en zachte kaft - 144 bladzijden.  Rijk geïllustreerd.

www.uitgeverijelena.be

bruno@gielis@gmail