Ontmoeting in Duffel

met categorie:  

  (foto's: Jan Smets)

De zomermaanden zijn bij uitstek geschikt voor een ontspannend fietstochtje.  We moeten in Mechelen niet ver zoeken om via de dijken van dit rivierenland in een oogwenk in de natuur en het groen te belanden.  Misschien heb je al wel eens langs Dijle en Nete naar Lier gepedaald?  Da's niet onwaarschijnlijk.  Het fietstoerisme neemt toe, en je ziet hoe langer hoe meer wielerfanaten genieten van zulke tochtjes.  Als je volgende keer nog eens naar Lier fietst, moet je toch maar eens van het geijkte pad afwijken, en in Duffel de Netedijk verlaten en het Moriaubos induiken.  Daar: verscholen in het groen staat een oud kapelletje.  Bekijk het maar eens nader.  Hier zouden 'onze' Rumoldus en zijn Lierse evenknie en collega, Gommarus mekaar volgens de legende ontmoet hebben.  Netjes in het midden van hun beider woonplaatsen: in Duffel!

 

Nu moet ik wel eerlijk toegeven dat het kapelletje oorspronkelijk een klein eindje verder stond: op de Mechelsebaan.  Maar toen deze weg in 1971 ten gerieve van koning-auto werd verbreed, werd dit historisch bouwwerkje dat dateerde van eind 19de eeuw, steen voor steen afgebroken en hier weer opgebouwd in dit bos tussen Mechelsebaan en Nete. In de Stormsschranslaan.

 

 

Het kapelletje dat op de Mechelsebaan stond, was trouwens ook al een vervanging van het oorspronkelijke uit de 17de eeuw dat er kwam door toedoen van de abdis van de nabijgelegen abdij van Roosendael en haar pachter van de Stormschranshoeve.  In 1688 werd het opgetrokken. 

De kapel mag best een opfrisbeurt krijgen.  Het heeft een zadeldak met een ijzeren kruisje, en op een paar schilden staat vermeld dat op deze plek de beide heiligen mekaar hebben ontmoet.  De deur is afgesloten en je kan door het traliewerk maar weinig zien van het interieur.

 

 

De geschilderde leuze is moeilijk leesbaar.  Maar hier wil ik hem graag nog eens netjes uittikken, zodat je je hersens niet hoeft te breken bij het ontcijferen:

 

"Hier is de plaats waar zij voorheen elkander ontmoetten, en handelden van God zijn glorie en zijn macht.  Bewandelaars dezer baan komt hen eerbiedig groeten, en schenkt iets 't hunner eer, want zij hebben veel macht bij God, den opperheer"

 

Over Rumoldus, patroon van onze stad, weten we als rechtgeaarde Maneblussers natuurlijk wel wat.  Hij zou afkomstig geweest zijn van Ierland en stichtte op Mechels grondgebied een klooster en verkondigde hier het geloof.  Ook stond hij op een goed blaadje met graaf Ado en zijn gade Elisabeth, en wonder boven wonder, werd dit koppel door zijn toedoen gezegend met de geboorte van een zoontje - Libertus - die later ook een heiligenstatus verwierf.  Rumoldus werd later vermoord door twee booswichten die het op zijn geld hadden gemunt.  Nu rusten zijn relieken in een zilveren schrijn boven het hoofdaltaar van onze kathedraal die zijn naam draagt.  Jaarlijks gaat de 'kas-van-Rumoldus' mee in de Hanswijkprocessie...

Gommarus kwam niet zoals zijn waarde collega van over het Kanaal, maar werd geboren in onze contreien: in Emblem, op een boogscheut van Lier.  De man was ridder aan het hof van Pepijn van Herstal en zou volgens de legende de stad Lier hebben gesticht.  Hij wordt aanroepen tegen allerlei lichamelijke breuken én breuken in relaties, tegen slechte vrouwen, spier-en gewrichtspijnen en koorts.  Enfin: je kon en kan bij hem voor een heleboel terecht.  Na zijn dood in 714 was het wachten tot in 754 voordat hij heilig werd verklaard en in de 14de eeuw werd begonnen met de bouw van de Sint-Gommaruskerk.  Deze kerk in Brabantse gotiek vertoont wel wat gelijkenissen met de Mechelse kathedraal...

 

 

Gommarus en Rumoldus waren zo'n beetje 'buren' van mekaar.  Ze hoorden regelmatig over mekaar praten, en op een dag wilden ze toch nader met mekaar kennismaken.  Zo gezegd zo gedaan.  In Duffel kwamen ze mekaar tegen en ze hadden ter plaatse een stichtelijke babbel over het Evangelie en de Handelingen van de apostelen.  En nu ze daar toch waren, predikten ze samen voor de omstaanders en verklaarden hen de inhoud van de Bijbel.  Zo werd gezegd. Er volgde een tweede ontmoeting.  Voor die gelegenheid hadden ze elk wat volgelingen mee in hun kielzog.  En er werden missen opgedragen.  Om de afspraak van deze ontmoeting te bezegelen en hun vriendschap te bevestigen staken Rumoldus en Gommarus hun wandelstaf in een holle eik die terstand wortel schoot en begon te bloeien.  Wonder boven wonder.

En het is op deze plaats waarvan de legende zo vroom weet te vertellen dat het kapelletje werd opgericht.  Maar dat laatste vertelde ik je dus al.

In onze Sint-Romboutskathedraal verhaalt een glasraam over deze ontmoeting:

 

 

En in de kooromgang is één van de houten paneeltjes die omstreeks 1500 werden vervaardigd door Colijn de Coter gewijd aan deze illustere meeting... :

 

 

Werkzaam in het rekwisietenteam van de voorbije Hanswijkcavalcade in 2015 maakten we twee wandelstaffen voor beide heiligen.  Vraag was hoe we het plots bloeien van de stokken dienden vorm te geven.  Even brainstormen.  Met een soort van 'paraplusysteem' konden de figuranten die gestalte gaven aan Rumoldus en Gommarus de lelie uit de stok 'toveren'.   Moet ik er bij vertellen dat de eerste repetities enigszins hilarisch verliepen?  Hier zie je Guido Van Campenhout en Pol Van Hoof aan het werk: oefenend op de 'goocheltruuk'.  Zou het bij hun eerbiedwaardige voorgangers vlotter gegaan zijn?

 

 

Maar als het dan uiteindelijk 'voor écht' was liep alles perfect...