De Witte Engel

met categorie:  

 

(foto's: Jan Smets.  Boven: Gilbert Govaerts en echtgenote Romana Mousky)

Daar zat hij in de Katelijnestraat op een klein plooistoeltje - recht tegenover het huis waar hij woonde: 'De Witte Engel'.

En hij tekende...  Ik stond bij hem stil en keek hoe het potlood over het papier zweefde.  En op dat tekenpapier werd verval tot schoonheid verheven.

 

(tekening van Gilbert van de overkant van de Katelijnestraat...)

 

Het potlood ging zijn eigenzinnige creatieve gang...  Krassend, soms druk gevend, soms lichtvoetig.

En het witte blad verloor haar maagdelijkheid en 'De Witte Engel' nam er bezit van.

Op de stoep

aan de overkant

tekende

het leven

onverwachte contouren...

Naast 'De Witte Engel' met haar pokdalige gezicht stond 'De Diamant' te schitteren in het zonlicht. 

Ruwheid gepolijst.

 

(Gilbert zijn huis tekenend...)

 

Ik sprak hem aan.  Gilbert Govaerts.  Kunstenaar.  Zijn golvende grijze haren en doorploegd gelaat gaven hem een doorleefde, authentieke en artistieke uitstraling.  Hij praatte over het huis - zijn huis, dat hij samen met zijn echtgenote Romana bewoonde.  En dat deed hij met liefde.

Ik keek naar de gevel vol littekens.  Gilbert wist enorm veel van dit historische pand dat hij eind van de jaren zeventig aankocht.  Liefde op het eerste gezicht.  Hij wou me er later méér over vertellen.  Véél meer.  We spraken af om mekaar nog eens te ontmoeten.  Daar keek ik naar uit.

22 mei 2018.

Ik hoor dat Gilbert overleden is.  Vierenzeventig jaar oud.  Geveld na een kortstondige ziekte.

Het potlood ligt roerloos.

Zou de Witte Engel daar aan de Overkant op hem wachten.

Op 31 mei wordt tekenaar Gilbert in de OLV-over de Dijlekerk ten grave gedragen.  De langere babbel over 'het huis' zou er nooit meer komen.  Afspraak gemist.  Soms beslist het lot er anders over.  Soms trekt dat lot een streep door de rekening.

maart 2019...

Ik krijg een mooie handgeschreven brief.  Dun schrijfpapier.  Evenwichtig handschrift.  Bij ingesloten zit het herdenkigskaartje van Gilbert met zijn portret.

Ik lees:

Je was een authentiek mens.  Je was geschiedenis.  Je had karakter.  Je laatste tekening heb je nog met veel passie afgewerkt.  We geven je je potlood mee voor onderweg...

Ik begin de brief te lezen.  Geschreven door Romana Katelijne Mousky - zijn echtgenote, eveneens kunstenares.  Tussen de regels door voel ik de liefde.  Ik lees over een belofte die ze wil nakomen...  Ik lees over iets dat ze met mij wil delen: de herinneringen...  Romana nodigt me uit in 'hun' huis - 'zijn' huis.  Ze wil me de sfeer laten proeven waarin ze leefden, werkten en gepassioneerd met kunst bezig waren.  Hij en zij.  Twee gelijkgestemde zielen.

Gilbert had de 'lijn', Romana de 'kleur'...

Zo parafraseert ze hem.  Ze vulden mekaar aan.  Gilbert tekende virtuoos: huizen, de vrouw..., met potlood, bic, houtskool...  Romana was altijd gefascineerd door de natuur, het wisselen van de seizoenen... Van dit gegeven vertrok ze vaak, en ze werkte het abstract uit.

Hij en zij.  Lijn en kleur.

Romana en Gilbert.  En De Witte Engel: als een Heilige Drievuldigheid onlosmakelijk met mekaar verbonden.

22 april 2019...

Ik heb met Romana afgesproken in De Witte Engel.  Haar vijftien jaar jongere zus Anna is ook aanwezig.  Ook zij is kunstenares.  Ze woont in Sint-Pieters-Leeuw, maar komt regelmatig (als mantelzorgster) naar Mechelen afgezakt.  Naar haar zus.  Zorgzaam.  Zusterliefde.

 

(Romana en Anna)

 

Romana opent de deur: ondanks de grote fysieke ongemakken (vorig jaar onderging ze twee zware rugoperaties - noodzakelijk door een meer dan ernstige vorm van scoliose) oogt ze jong.  Even oud waren ze: Gilbert en zij.  Ze draag haar haar lang, en draagt zelfgemaakte kledingstukken.  Het toont haar veelzijdig talent: schilderen, batikken, textielkunst...

En dan toont het huis zich: een woonst als een verhaal.  Een huis als een geschiedenisles met sporen van lang vergeten episodes, van mensen en dingen.  Een poëzie-album met kanttekeningen.

De Witte Engel heeft geleefd.  Dat voel je in de muren, de balken, de trappen, de ademende kieren..., van de middeleeuwse kelder tot de zolder zijn prachtig dakgebinte.  Vergeten ben ik het pokdalige gelaat en de verminkte aanblik.  Vergeten ben ik het vroeger zo scherp aangevoelde contrast met de schitterende 'Diamant' die ijdel geslepen tegen de Engel staat aangeleund.

 

(de 'Diamant' en 'De Witte Engel' voor en na de restauratie van de 'Diamant')

 

Hier in dit onwaarschijnlijke interieur zijn de littekens schoonheidsvlekjes geworden.  Hier voel ik de geest van de kunstenaar die Gilbert was.  Hier versta ik het waarom van deze liefde tussen huis en eigenaar.

Binnenkort start de noodzakelijke restauratie van de voorgevel.  Binnen afzienbare tijd zal ook De Witte Engel verrijzen in volle schoonheid.

Romana kijkt er enigszins tegen op.  De fysieke problemen wegen op haar.  En ze moet nog zoveel sorteren: al die nagelaten herinneringen, brieven, kunstwerken, ontelbare mappen met tekeningen, notities...  Maar ze heeft het aan Gilbert beloofd die laatste dagen van zijn leven.  Die belofte wil ze nakomen.  Anna zal haar hierbij helpen.  En dat wil ze doen uit respect en dankbaarheid voor haar schoonbroer die haar ooit zo goed hielp bij het oefenen in modeltekenen toen ze op de Sint-Lukaskunsthumaniora zat.  Het zal tijd vergen.  Maar ze vindt het noodzakelijk dat dit zorgzaam dient te gebeuren. 

 

 

Anna slaat willekeurig één van de vele mappen open.  Wonderlijk hoe Gilbert gedreven en met veel zin voor architectuur hier in dit huis, en elders, dakgebinten bestudeerde en fotografeerde, opmat, tekende: de groeven, de kronkellijnen, de nerven,...de structuur van het hout. En ook hoe hij dit alles artistiek uitwerkte.  Ontelbaar zijn de vele wervelende vlugschetsen van mensen die hij ontmoette tijdens zijn vele pendeltripjes met de trein: in wachtzalen en op perrons...

 

 

Romana vertelt over haar jeugdjaren.  Anna vult aan.

Uit het open geplooide dagboek vallen de vele herinneringen dwarrelend op de tafel waarrond we zitten.

 

 

 
Romana werd als oudste van een gezin met vijf zussen en één broer geboren in Ruisbroek bij Brussel.  In 1944.  Moeder en tante hadden een textielwinkel.  Ze maakten ondermeer werkkledij op maat.  Voor de kleine Romana was het atelier waarin ze werkten een magische wereld.  Ze speelde graag in de stoffenbak - keek gefascindeerd naar de staalboeken en leerde als kleuter de namen van de kleuren kennen via de bobijntjes zijde.  Hier groeide haar zin in kleuren. Hier mocht ze lapjes stof aan mekaar naaien, experimenteren... 
Moeder had snit en naad gevolgde en kon naar verluidt het beste tekenen van de klas.  Grootvader was ooit meesterwever.  Hij controleerde alle geweven stukken met een loupe en betaalde op basis hiervan de wevers uit. 
De familie langs moederskant - Vanderpooten - was afkomstig uit het Gentse.  In 1848 werd in Ruisbroek een nieuwe textielfabriek opgericht, met de nieuwste Engelse weefgetouwen die met stoomkracht werden aangedreven.  De hele familie werkte in de branche: van ontwerptekening, die op kartons zetten, tot uitvoering; garen spinnen, het weven en borduren...
 
Grootvaders vader was vanuit Gent naar Ruisbroek gevraagd om er de arbeiders met deze nieuwe machines ter leren werken.  Grootvader zelf werd er als jongeman van twintig jaar meesterwever.  Zijn broer tekende de ontwerpen voor het tafellinnen en een andere broer maakte de kartons.  Een zus leidde het borduuratelier (tekenen en uitvoering...).
 
Grootvader Mousky was een Waal en hij was kasseier.  In Brussel was hij als ploegbaas betrokken bij het aanleggen van de eerste tramsporen en het leggen van kasseien.  Ook hij kon goed tekenen.
 
 
 
Het zat dus duidelijk in de familiegenen.  Niet verwonderlijk dat Romana ook dat artistieke pad zou bewandelen.
Ze studeerde sierkunsten aan het Imelda-Instituut te Molenbeek en behaalde een graduaat plastische kunsten in 1965.
Ze wou iets doen met decoratie, illustraties maken en publiciteit.
Na de studies begon ze eerst te werken in een tekenstudio van de drukkerij Sofadi in Brussel-stad.
Een eerder toevallige vraag om les te geven in de plaatselijke technische meisjesschool van Ruisbroek leidde tot een interim plastische opvoeding.
Ze bleef er negen jaar.
Dat lesgeven werd gecombineerd met deeltijds werken bij Wespin, een offset-fotogravure in Molenbeek.
Ze leerde daar Gilbert kennen... Hij ging daar aan de slag, vier jaar nadat zij daar begonnen was.
 
Later is Romana terechtgekomen in de academie 'De Meiboom' van de stad Halle (deeltijds kunstonderwijs). 
Eenendertig jaar heeft ze daar les gegeven: jeugdateliers, jongerenateliers, teken-en schilderkunst aan volwassenen.
 
 
 
 
 
 
 
 
(werk van Romana, met onderaan een prachtig landschap in het Pays des Collines...)
 
 
Gilbert was afkomstig van Wezemaal - nu behoort dat tot Rotselaar.
Op het Atheneum van Aarschot zat hij niet op zijn plaats, maar een leraar merkte er wel zijn tekentalent en passie voor geschiedenis op.
Die maande hem aan om zich in te schrijven aan de Kunstacademie van Leuven, wat hij vijftien jaar oud, deed.
Zijn vader wou dat hij intussen voor kleermaker leerde op leercontract.  Kleermaker worden: net zoals hij.
Met zijn loon als leerjongen kon hij de avondlessen aan de academie betalen.
Maar het kleermaken lag hem niet.
Tijdens zijn legerdienst verdiende hij door zijn kennis van naaien wel iets bij door voor zijn mede-soldaten verstelwerk te doen.
Het geld dat Gilbert hierdoor bijeen spaarde, volstond om zich in te schrijven in 'The Famous Artist Course' - een tekenopleiding per correspondentie.
Tijdens de vijftien maanden legerdienst wijdde hij al zijn vrije tijd hieraan.
Het was een ruime tekenopleiding.
Hij leerde eer onder meer proporties kennen, perspectieftekenen en zélfs 'tekenfilm' zat in het pakket.
 
Na zijn legerdienst begon Gilbert te werken in Brussel.
Eerst bij een grossist van textiel - 'Waucquet' in de Huidevettersstraat.
Daar hoorde hij over de mogelijkheid om als leerjongen opgeleid te worden tot foto-retoucheur offset, wat later zijn beroep werd.
In 1969 kwam hij terecht bij de offset-fotogravure Wespin.
Hij stelde toen reeds zijn tekenkunst tentoon.
 
Romana glimlacht als ze er aan terugdenkt. 
 
Daar bij Wespin hebben we mekaar voor de eerste keer ontmoet.  Gilbert zat achter mij te werken, en hij was gefascineerd door mijn Bourgondisch achterwerk.  Dat vertelde hij me later.  Het veranderde zijn kijk op het vrouwenlichaam.  Ik was de enige vrouw in het atelier.  Het was een heel artistiek milieu.  Ik werkte er graag.  Liefde op het eerste zicht was het niet.  Ik ging wel naar zijn tentoonstellingen en we werden 'kunstvrienden'.  Maar daar bleef het bij.  We hadden zeker geen intiem contact.  Maar toen onze wegen uit mekaar gingen, hebben we wel adressen uitgewisseld.  Pas veel later vroeg hij me of ik zijn tentoonstelling in Halle zou willen inleiden.  Het schijnt dat ik toen meteen indruk gemaakt heb ij de gemeentesecretaris en de burgemeester.  In ieder geval: ze hadden me 'opgemerkt'.  Toen ik dan later solliciteerde voor de job aan de academie in Halle, herinnerden ze zich mij...  Ik ben er aangeworven.
 
 
 
Gilbert was geboren in 1944.  Net als Romana.
Ze verschillen maar één maand.
Gilbert zag op 8 januari het levenslicht en op 4 februari van datzelfde jaar werd Romana in Elsene geboren.
Ze leken voor mekaar voorbestemd. 
Maar hun levenslijnen zouden mekaar pas veel later kruisen.
 
 
Gilbert werd hoe langer hoe meer een gewaardeerd kunstenaar.
Tekeningen van hem werden aangekocht voor het prentenkabinet van het Museum voor Schone Kunsten in Brussel.
Zo zou hij in 1971 laureaat worden van 'Stichting Roeping'.
Met de geldprijs kon hij studiereizen betalen.
Enkele maanden zou hij zo vertoeven in Normandië, in Zwitserland...
Het geld stelde hem ook in staat om thuis een model te betalen.
 
Romana en Gilbert werden een koppel.
Hun vriendschap had een ander karakter gekregen...
Maar het bleef niet duren.
Tussen 1973 en 1977 gingen ze uit mekaar.
 
Onze artistieke relatie ging over in een vrijage.  Maar het is afgeraakt.  We waren beiden 'moeilijk' - twee sterke persoonlijkheden...
 
Gilbert was thuis blijven wonen tot zijn jongere zus, Yolande, afgestudeerd was.
Hij stond erop dat zij de studies van haar keuze kon doen, die hij ook mee financierde.
 
En dan leert Gilbert Mechelen kennen.
Hij krijgt de kans om te exposeren in galerij Merode in de Merodestraat.
Via een bevriend beeldhouwer komt hij terecht in een bruine kroeg: 'de Microbe', waar hij gelijkgestemde vrienden en een onderkomen vindt.
Onze stad boeit hem wel.
Hij gaat op zoek naar een huis.
In de Katelijnestraat ontdekt hij 'De Witte Engel'.
Het huis stond leeg en te koop.
Even voordien was het pand uit de 16de-17de eeuw nog een porceleinwinkel, en achter in de tuin stond een atelier: een blikslagerij.  Men werkte er met tien gasten.
 
 
 
(achterkant van het huis met het nu vervallen atelier - Het rode pand is 'de Diamant')
 
Gilbert werd verliefd op dit historische huis.  Ooit moet het één geheel gevormd hebben met 'de Diamant' en het afgebroken huis aan de andere kant, waar het terrein nu braak ligt (al wordt er heel binnenkort een nieuwbouw opgetrokken...)
 

 

En vooral die mooie balken haalden hem over de streep.  Misschien was hij hierdoor wel extra geboeid omdat zijn grootvader ooit huizen in vakwerk bouwde.  Het huis had karakter.  In 1977 kocht hij het.  Twee à drie jaar heeft hij er hard in gewerkt.  Hij haalde ondermeer de valse plafonds eruit.  Het was de bedoeling dat hij verder zou doorgaan met de volledige restauratie.  Ondertussen hadden we mekaar weergevonden en werd onze relatie terug opgestart.  In 1978 trouwden we.  We woonden samen in Ruisbroek, want het Mechelse huis was nog niet bewoonbaar.  Gilbert pendelde steeds naar Mechelen voor de verbouwingen en bleef er vaak slapen.  Pas in 1980 verhuisden we naar hier.

 

 

 

Het achterste deel van De Witte Engel dateert uit 1648, maar een aantal delen van het huis zijn zeker ouder.

Gilbert deed daarom gedreven opzoekingswerk.  Heel veel info wist hij te verzamelen.  Over dit huis de De Diamant, waarin later nog een muziekwinkeltje was ondergebracht.  Nu heeft eigenaar architect Beeck het pand knap verbouwd.

 

 

 

 

Heel vaak zat Gilbert in het Mechels stadsarchief.  Soms meerdere keren per week.  De klassering van het huis had hij al begin jaren tachtig aangevraagd en verkregen.  Hij wou het grondig restaureren, maar hij verloor in 1989 zijn werk, en plots dienden de plannen bijgesteld.  We konden goed leven van mijn loon, maar om een dure restauratie te bekostigen hadden we niet voldoende middelen.  Maar we zijn wel verplicht om de gevel te restaureren.  Voorlopige instandhoudingswerken werden gepland maar de restauratie werd op de lange baan geschoven.  Zeker na de plotse dood van Gilbert vorig jaar.  Binnenkort zouden we écht wel moeten starten met de grondige gevelrenovatie zodat die terug in volle glorie kan herrijzen.  Het is wel allemaal gecompliceerd en ik zie er wat tegenop.  Vooral ook door mijn rugproblemen.  Maar ik beloofde het nog de dag voor zijn dood: "Gilbert, we brengen dit in orde!".  Monumentenzorg volgt de zaak op en ik heb gelukkig de hulp van mijn zus Anna en van Hilda, mijn één jaar jongere zus.  Hulp komt ook van mijn handige broer die allerlei kleine klusjes in huis doet.  Ook de andere zussen steken een handje toe.  Ieder naar eigen kunnen en best vermogen staan ze me bij waar nodig.

 

 

 

 

Romana mijmert.  Het is vorig jaar allemaal zo vlug gegaan...  Haar operatie, de lange revalidatie, de dood van Gilbert...

 

Ik kan het nog altijd niet geloven dat hij er niet meer is...  Ik verbleef in de kliniek.  Terwijl ik daar was vertelde hij me dat hij zijn eten moeilijk verteerde.  Ik dacht dat hij me miste.  Ik kookte graag en goed.  Dat hij minder gezond at zou wel de oorzaak zijn.  Maar het was veel erger.  Vijf jaar geleden had hij een gezwel in zijn been.  In 2012 werd dat in Pellenberg geopereerd.  Het diende wel regelmatig te worden opgevolgd.  Het bleef weg.  Maar net de dag dat ik terugkeerde uit revalidatie na mijn operatie voor zware scoliose keerde het gezwel terug.  We dachten dat Gilbert kankervrij was.  Maar niets bleek minder waar.  Het was een zware tijd.  Er volgden complicaties na mijn operatie, en van Gasthuisberg verhuisde ik naar Pellenberg en dan weer terug.  Nadien nog de revalidatie in Wieze.  Dan kwam ik thuis.  Op dat moment liep het totaal de verkeerde kant op met mijn man.  Hij had water op de longen en kon moeilijk de trap op...

 

 

Anna vertelt dat Gilbert haar terzijde nam.  Hij voelde dat hij niet lang meer zou leven.  Hij vertelde haar dat hij dacht het einde van het jaar niet meer te zullen halen.  Een week voor zijn dood heeft de oncoloog gesteld dat chemo niet meer zou helpen.  Het was een zwaar verdict.  Toch wist hij niet hoe hij het aan zijn vrouw Romana moest vertellen. 

Anna bleef bij hen beiden als hij het nieuws overbracht.  Ze wou hen alletwee kunnen opvangen.  Maar ondanks alles verliep het gesprek goed.  Palliatieve zorgen werden meteen geregeld.

's Avonds op 22 mei 2018 is Gilbert bij volle bewustzijn, maar toch nog geheel onverwacht in intieme kring gestorven.

 

 

Ik kon niets beslissen.  Ik was sprakeloos.  Graag zou ik hem hier in zijn huis waar hij zoveel van hield hebben opgebaard.  Maar - weliswaar met goede bedoelingen - gebeurde dit niet.  Zélf kon ik die dagen niks organiseren.  Nu wil ik zijn droom waarmaken: dit huis moet in orde komen!  Ook wou hij een boek uitgeven met zijn verzameld werk (en het mijne...).  Misschien moeten we dit samen met een overzichtstentoonstelling doen?...

 

 

 

Het potlood van Gilbert ligt roerloos.

Het lot steekt soms stokken tussen de wielen.

Maar De Witte Engel zal herrijzen.

Mooier dan ooit.

Gilbert zal ergens vanop de Overkant tevreden kunnen toekijken.

Gilbert is niet meer.  Op 22 mei vorig jaar overleed hij. 

Maar een kunstenaar blijft verder leven in zijn werken en in het huis dat zijn ziel herbergt.

Hij zou er zijn schouders bij ophalen.

Bescheiden.

Want zo zei hij het ooit:

 

Ik had die gave.  Het was mijn verantwoordelijkheid om er iets mee te doen...