Serge Piessens, een zoekende geest

Onder de noemer 'Made in Mechelen' brengt het Cultuurcentrum kleine tentoonstellingen van Mechelse artiesten. Zaterdag 29 augustus om 19u30 opent de expo Cocon City van Serge Piessens in de Entrée van het Cultuurcentrum. Tegelijkertijd opent de Koninklijke Lucasgilde in de tentoonstellingszalen boven.

Iedereen van harte uitgenodigd voor de vernissage!


De jonge Serge groeit op tussen het behangpapier en de linoleumvloertegels van de ouderlijke interieurdecoratiezaak in Mechelen. Tijdens zijn jeugd trekt hij zoals vele knaapjes naar de Mechelse Academie waar hij leert tekenen. Na enige tijd laat hij zijn potloden rusten en stapt wat verder het stedelijke conservatorium binnen waar hij verliefd wordt op de muziek. Geïnspireerd door het bedrijf van zijn ouders volgt hij vanaf 1986 een opleiding binnenhuisarchitectuur in Mechelen. Toch kruipt het bloed waar het niet gaan kan en besluit Serge om als beeldend kunstenaar aan de slag te gaan. In de academie in Anderlecht verfijnt hij zijn schilderstechnieken. Op eigen houtje begint de schilder-graficus Piessens vanaf 1994 beelden te maken. Het pad is gekozen, de weg is nog lang en grillig.

De artiest Piessens is een zoekende geest. Hij pendelt voortdurend tussen abstract en figuratie, zonder ooit onvoorwaardelijk voor een van beide partijen te kiezen. In zijn abstracte schilderijen schemeren takken door of ontwaart men de contouren van een gebouw. Zijn meer figuratieve werken laten veel te raden over. Hier primeert de vage suggestie. In de soepele acrylverf penseelt Serge in transparante lagen en snelle bewegingen. Niet zelden overschildert hij zijn doeken waarbij de eerste compositie blijft verder leven in de nieuwe creatie. De oude lagen geven een diepte aan het schilderij zonder het nieuwe werk in de weg te staan. In zijn recente schilderijen duiken vormen uit zijn takkenbeelden op, in sterke zwart-wit contrasten. Maar gelijktijdig grijpt Serge naar kleuren die nu eens ton sur ton dan weer ongewoon naast en over elkaar liggen. In de kleurige doeken zweven ronde cocon-vormen voor een gelaagde achtergrond. Of is het net omgekeerd?

Sinds 1994 gaat Serge ijverig met houten takken en twijgen aan de slag. Hij verbindt de zwart geschilderde dennenhouten takken tot grillige en scherpe vormen, waar soms de vorm van een boot zich lijkt te vormen. De hoekigheid van weleer is verdwenen in de nieuwe open cocons. Hier gebruikt de kunstenaar ontschilde gedroogde wilgentonen en bamboe. Het materiaal wordt onbehandeld verwerkt waardoor de organische groei van de cocon spontaan en natuurlijk aanvoelt. De transparante objecten presenteren zich steeds anders bij een wisselende achtergrond, de ene keer bescheiden, een andere keer meer nadrukkelijk, zonder opdringerig te worden.

Serge Piessens is niet de kunstenaar met de grote boodschappen of het heftige verhaal. Hij werkt in alle stilte verder aan een omvangrijk en geschakeerd oeuvre, waarbij hij niet aarzelt een nieuwe weg in de takkenbos in te slaan. Voor deze onrustige romanticus is de zoektocht naar de vorm de ware uitdaging: Het prettige is jezelf de vrijheid geven het materiaal zijn weg te laten gaan. Ik hou van vormen.

 

 

Lijkt me boeiend Anne.  Dit noteer ik.  Ik loop graag eens langs...

@ Anne, met de "entrée" bedoelt gij waarschijnlijk de "inkomhal" zeker; het zijn natuurlijk twee lettertjes meer te gaan.....:-))) en er is daar wel plaats genoeg!

Peter, entrée is wel een gallicisme en dus gebruikt men beter de echte Nederlandse term.

zeker en vooral als het woordgebruik uitgaat van ons "cultuur" centrum.

 [off topic]: Een gallicisme is een woord dat, of een zinswending of conventie die:

  • is overgenomen uit, of gevormd naar het voorbeeld van het Frans
  • en in gezaghebbende taalvoorschriften wordt afgekeurd als strijdig met het eigen karakter van de taal waarin het/zij is overgenomen.

Welk gezaghebbende taalvoorschriften gebruik jij om dit woord af te keuren ? Ik hou het graag bij Van Dale.

 

[on topic]: Mooie post trouwens Anne. Ik kan helaas niet langskomen, maar bedankt voor de uitnodiging.

Peter "ik" vind inkom of inkomhal een véél mooier woord en wat den dikke schrijft of doet daar heb ik niet altijd een boodschap aan want er staan anglicismen in ook die nu dus mogen gebruikt worden.

ik vind dat bijvoorbeeld net zo erg als al die firma's die denken dat ze in Vlaanderen hun reclame in het Engels moeten voeren en die dus het "beeld" van de stad bezoedelen.

en ik weet wel dat er internationale talen zijn maar als er mooie Nederlandse woorden zijn dan gebruik ik die zoveel mogelijk of moeten we niet meer fier zijn op onze eigenheid?

Ik probeer de Nederlandse woorden ook zo veel mogelijk te gebruiken, maar in mijn dagelijks leven praat ik vaker Engels dan Nederlands, en met mij vele Vlamingen die in een of ander buitenlands bedrijf werken.

'Inkom' is dan weer geen standaardtaal.

Trots zijn op uw eigen dialect siert u.

Een paar jaar geleden zag ik al werk van Serge tentoongesteld in de Cellebroedersstraat, tijdens 'Kunst op het Groot-Begijnhof'.  Hij exposeerde er samen met die andere Mechelse kunstenaar Eric Vandamme (waaraan ik ook al eens een post heb gewijd...)

(foto: Jan Smets)

Vandaag ben ik deze mini-expo eens gaan bekijken.  Het is de moeite om er binnen te lopen als je in de buurt bent!

(foto's: Jan Smets)