de Vrije Woonst...

'Voor de aanbouw van de Huizen-van-'t-stad en de Huizen-van-'t-syndicaat in de jaren '22-'23, was de Hanswijkenhoek nog een aaneengesloten gemeenschap rond de dubbele huizenrij van de Tervurensesteenweg tussen de Withuisbrug en het Beekske (huidige Dennenstraat).
De parochie telde toen nagenoeg 2000 zielen...'

(Hendrik Diddens in 'Mijn kinderjaren in den Hanswijkenhoek'...)

Zo begint Hendrik Diddens de Colomawijk te beschrijven: een wat afgelegen hoek van Mechelen, tussen Leuvense vaart en spoorweg - Enkele straten, nog wat landelijk...
Maar spoedig zou het veranderen, en zou de wijk uitbreiden en een ander karakter krijgen.
In 1922 lag een ambitieus plan op de tekentafel...


(foto: Jan Smets - Beukstraat)
In de historische binnenstad woonden de mensen in smalle straatjes, en overbevolkte 'fortjes' - soms in heel armoedige omstandigheden...


(foto: Regionale Beeldbank - 'Fortje' op de Kattenberg...)

In de Hanswijkenhoek leefde en woonde men anders.
Ik laat Hendrik Diddens nog eens aan het woord:


(foto: Jan Smets - achter de kerk en de Stenenmolenstraat...)

'...van de zijstraten was de Stenenmolenstraat de voornaamste en dichtst bevolkte.
Nabij de hoge 'route' lag nog het puin van de oude stenen windmolen.
Dan kwam de Sint-Jozefstraat met de langs één kant bebouwde Acaciastraat en de halfvoltooide Vredestraat.
Dat was de kern.
In de Kruisveldstraat, de Lindestraat, Halfgalg, de Wilgenstraat, de Voetbalstraat en op Geerdegemvaart stonden slechts enkele huizen.
Van de Wilgenstraat af, naar Hofstade toe, was de steenweg terug ietwat dichter bewoond, met o.m. de typische kleine huisjes van de achterbuurt Het Fort, neven de herberg van Marie van Wannes.
Bij de afzink van de Brugberg vormde het herenhuis en de reeds halfvervallen brouwerij van Charel Feremans de spie tussen de schuinafwijkende steenweg en de Geerdegemvaart. (...)
Neven het kerkpleintje stond het oude hoeveke van Neel van den Heuvel. Hij bezat er wat hoveniersgrond en daarachter de leemputten nog een stuk labeurland. Hij had daarbij een beemd en bewerkte een aanzienlijke strook akkerland op de Papeter langsheen de Tervurensesteenweg, tegenover de Weggel van Geets (Beukstraat) (...)'

En daar in de buurt van het oude boerderijtje van Geets zou een nieuwe wijk komen.
Een sociale wijk, naar Engels tuinwijkmodel.
Innoverend.
Best wel!
Nu nog heeft deze wijk veel van zijn karakter behouden.


(foto: Jan Smets - Abeelstraat)

De Eerste Wereldoorlog en het nijpend huisvestingsprobleem had de geesten gerijpt.
Tuinsteden werden beschouwd als het model voor een nieuwe vorm van samenleven: ruimer, groener en menswaardiger.Het zou beslist de gemeenschapszin stimuleren.
En zo werd ook in onze stad beslist om sociale wijken naar dat Engels voorbeeld in te planten buiten de ring, temidden an het groen en landbouwgebieden.
In 1920 werd het tekort aan woningen in onze stad geschat op 4200!
De armere Mechelaars woonden in houten barakken of de hierboven reeds vernoemde Fortjes.
De rijkere Maneblusser bouwde ondertussen in historische nepstijlen de oude straten terug op (bekijk maar de IJzerenleen...).
Aan de rand van de stad, op goedkope landbouwgronden en in de buurt van belangrijke steenwegen kwamen onder impuls van huisvestingsmaatschappijen nieuwe wijken tot stand.

En zo werd ook de sociale woonwijk van de 'Vrije Woonst' gebouwd.
De wijk van de huurderscoöperatieve 'de Vrije Woonst', opgericht in 1922 op initiatief van het Nationaal Syndicaat van de Spoorwegmannen (Arsenaal), kon door de hoge huurprijzen aanvankelijk slechts in beperkte mate beschouwd worden als een sociale woonwijk, maar biedt toch het mooiste resultaat van de tuinwijkgedachte en één van de best bewaarde tijdsbeelden uit het interbellum.
Het 'hoeveke van Geets' bleef als herinnering aan dit agrarisch stukje Mechelen staan...
De 'hoeve van Patatfrut' in de Abeelstraat moest wel wijken...


(foto: Jan Smets)

In totaal werden er 252 woningen gebouwd.
Architect van het project was de Brusselaar Alfred Minner (die ook het Hof van Busleyden restaureerde...).
De huizen werden opgetrokken in traditionele landelijke stijl.
Vier typewoningen zijn te onderscheiden, met weliswaar kleine verschillen.
De groepen huizen zijn veelal symmetrisch tegenover elkaar geplaatst - vaak in spiegelbeeld.
Speelpleinen en landbouwgrond, die in het oorspronkelijke plan voorzien waren, werden aan de bestaande tuinen toegevoegd.
Mooi...
Maar burgemeester Dessain was niet helemaal tevreden met het project - Het socialistisch overwicht in de nieuwe wijk zou té groot zijn, en tot in de jaren '30 liet hij de heraanleg van de staten van deze 'Rode Hoek' aanslepen!
De Beukstraat en de Abeelstraat bestonden al, alsook de Vorsenborgstraat en de Poedermolenstraat (verwijzend naar het lusthof van Coloma en de buskruitmolen die er ooit stond).
De nieuwe straten kregen allen 'stichtelijke' namen, zals Matigheidstraat, Reinheidstraat, Voorzorgstraat, Eenheidstraat...
Het volk diende ideologisch 'opgevoed'. Klaar toch.
Het Vrije Woonstplein vervolledigt dit stratenplan, met het 'bureel' van de coöperatieve.
De bomengroep op het kruispunt van Reinheid-, Beuk-en Poedermolenstraat, die destijds uit 22 exemplaren bestond (zie foto's hierboven), is een symbolische verwijzing naar het jaar 1922.


(foto: Jan Smets)

De 'Arsenaalmannen' vormden een groot aantal van de eerste aandeelhouders.
In de wijk bestond een voetbalploeg en een vrijwillige brandweer.
Nu nog altijd zijn de bewoners bijna allemaal verwanten van de oorspronkelijke huurders.
Dit verklaart de sociale samenhang in de wijk.
Iedere huurder is aandeelhouder in de coöperatieve.
De levenskwaliteit van de wijk is nog steeds zeer hoog.
Van de woningen werden er slechts 33 verkocht, waarvan de laatste al in 1927.
De maatschappij beschikt nog steeds over 219 woningen.


(foto: Jan Smets - Poedermolenstraat)


(foto: M@rkec - Tervuursesteenweg)

De wijk is best een ommetje waard...
een stukje sociale (bouw)geschiedenis van Mechelen komt hier tot leven!

(info gehaald bij Hendrik Diddens ('Mijn kinderjaren in de Hanswijkenhoek' en 'brochure Open Monumentendag 2007 - Eric Nobels en Leo Seymons)

Mijn eerstvolgend "ommetje" zal hier naartoe leiden, Jan!
Het is ne schonen hoek waar het nog rustig wonen is.
Het is een cooperatieve wijk, vrij uniek denk ik in onze regionen ? Of vergis ik me ?
De grootouders van mijn echtgenote waren één van die 33 gelukkige eigenaars van een rijwoningmodel. Het huis is nog steeds eigendom van hun dochter (mijn schoonmama) en kostte toen zij het aankochten in naar ik meen het jaar 1922-23, de somma van 28.000 Bef. (Achtentwintigduizend). Den bompa was een oudstrijder van de IJzer en werkte aan de spoorwegen als kraanman in het station Muizen. Zij kregen voorrang bij de verwerving van zo'n woonst.
@ Peter - Je kan deze wijk vergelijken met die van de LOGIS in Watermaal-Bosvoorde. Die wijk werd opgericht in samenwerking met Le Syndicat du Livre en practisch alle huizen werden gekocht of verhuurd aan de mensen die hun brood verdienden in de Brusselse krantendrukkerijen. De Logis is nog steeds de mooiste realisatie op het gebied van wat er in het Interbellum aan ontvoogdingswerk voor de arbeiders is gepresteerd. Eindelijk kon Gianni Cascetti ook zijn eigen huisje kopen.
Een voorbeeld van een "fortje" kan je vinden in de Nonnenstraat. Schuin over de Conventstraat is een poortje (niet de Jezuspoort - dat is verder) als je daar doorgaat kom je op een binnenkoertje en in een hoekje staat nog steeds de enige WC - het "heuske".
Ook op de St Poetersberg ( of den Bloedberg) is er nog de ingang van een fortje. Geeft je een idee hoe die mensen leefden.
Sorry, nu in de juiste topic:

Ik woon nu al bijna dertig jaar in de wijk, weliswaar in de Lindestraat, maar de huizen van de maatschappij zijn me niet onbekend. Een merkwaardige realisatie die mag gezien worden. Ik heb me nog geen moment beklaagd in die wijk te wonen, het is ook de grootste wijk van de stad.

door Rudi op 02/04/2008 18:37:15
Anoniem als "Rudi" op 02/04/2008 18:37:15
@rudi: Hopelijk behoudt het fortje van de nonnenstraat zijn karakter ... Het ene huis wordt bewoond door jeronimo dat is dus in orde, maar voor het andere huis zijn in de nabije toekomst werken voorzien ...
In de Zelestraat, achter de interieurzaak van Bouvier is er ook nog een bewoond "fortje".
Ook in de Keizerstraat ... niet ver van de Hanekeef ... ?!
Tot mijn zesde levensjaar heb ik in de Geerdegemstraat gewoond en ik herinner me dat je in de gerrdegemstraat, net naast het kapelleke, de lindestraat inwandelde en tussen de velden en weiden door tot in den hanswijkenhoek kon wandelen.
Ik meen nog te weten dat de lindestraat een draai maakte en dat je een bergje moest oprijden of -wandelen.
De juiste loop van straat, die toen nog een zandweg was, weet ik niet meer.
In de jaren zeventig werd de weg doorgesneden door de jubelaan en door de loop der tijden verdwenen hele stukken van deze weg.
Misschien is er nog iemand die een plan uit de jaren 60 bezit ?
Tiens Eddy, over café "Vogelpik" in de Zelestraat, is daar nog een fortje achter die poort?
@Jef: Zijn deze huizen dan prive eigendom? Of is er toch een soort van collectieve verhuur ?
@ Peter
Wat ik er van weet is dat in de aanvangsfase van het project in 1922 er tot en met 1927 drieendertig huizen werden verkocht. Volgens Jans zijn bijdrage hierboven heeft de maatschappij er nog 219 in eigendom en verhuurt ze die woningen. Meestal aan familieleden van de eerste huurders die nu toch stilaan allemaal andere hemelse regionen hebben opgezocht. Langs de kant van Tervuursesteenweg is men trouwens de laatste tijd druk doende met de daken van vele woningen te vernieuwen. Het blijft na al die jaren nog steeds een prachtige realisatie.
@Ja Roger, en die huisjes zijn dus nog bewoond, twee of drie!
@Jan Goovaerts: ik woonde van 1950 tot 1970 in de Beukstraat (niet ver van de Lorkstraat). Van de Lindestraat is eigenlijk niet zoveel verdwenen; alleen de brede Jubellaan heeft er een stuk uitgesneden. De Lindestaat liep voorbij het huis dat nu in een "dieperik" staat naast de Jubellaan. Als je naar Google Earth gaat dan zal je zien dat er vanaf dat huis tot aan het kappeleke een weg loopt die nu Geerdegemstraat noemt.
Het enige stuk Lindestraat dat verdwenen is liep van dat "diepe huis" rechtop de twee kleine huisjes die nu blijkbaar in de Ghandistraat liggen.
Is de geschiedenis zoals Hendrik Diddens deze beschreef ergens te consulteren? Googlen levert nl niets op in dit verband.
Ik ken iemand die een versie heeft ...
@Peter: en mogen anderen dat ook weten?
'Mijn kinderjaren in de Hanswijkenhoek' door Hendrik Diddens, werd uitgegeven bij drukkerij De Vlijt, Antwerpen, in een kleine oplage van 300 genummerde exemplaren.
Het verscheen ook in verschillende hoofdstukken in Gazet van Mechelen, in augustus 1960.
In de Koninklijke Bibliotheek van België (KBR):

Titel : Mijn kinderjaren in de Hanswijkenhoek. Een geïllustreerd autobiografisch verhaal / Hendrik Diddens
Auteur(s) : Hendrik Diddens

Uitgever(s) : Antwerpen : Drukk. " De Vliet ", 1960

Collatie : 72 p : omsl., portr., ill., plan ; 12°
Bijgewerkte overdruk uit de Gazet van Mechelen , 1960, aug
Boeknummer : IV 52.963 A (Magazijn - Algemene Leeszaal)
Ik geloof dat ik Paul een keer een cursus google zal moeten geven, bij gelegenheid :-)
(ik kan u wel wat meer info emailen als je een emailadres achterlaat)

De vrije Woonst is nog steeds een prachtig initiatief geweest en men heeft steeds getracht de oorspronkelijke toestand zoveel mogelijk te bewaren(wat naar mijn idee ook gelukt is) Ik meen te mogen zeggen dat deze CVBA uniek is in Belgie en wij trachten dit zo te houden. Alle huurders zijn aandeelhouder en de woningen worden verhuurd met een renovatiehuurcontract ,hetgeen voordelig is voor de huurder maar ook voor de verhuurder. De verbondenheid van de huurders is er nog steeds door de unieke structuur.

 ik werd geboren en getogen tegenover "de Rotterdam" het café. 'k ben de zoon van Nini en de jacques ,den broer van den hans, daar het huis te klein werd voor drie hanen en een hen verhuisde ik tien jaar geleden , naar mechelen centrum, doch ik mis de vrije woonst en de geburen wel.

Ooit dertig jaar geleden had ik daar een vriendinnetje, Tamara. ik denk tamara De Prins.

haar vader noemde men "de pille" 't kan dus ook zijn dat zij Tamara Pille of de pille heet. 

Zij verhuisden, vanwege mijn jeugdige leeftijd toen kan ik me niet meer herinneren waar naartoe doch ik weet nog dat ik al bleitend achter hun auto aanrende en zwoer haar later terug te zullen zien. 

Als er iemand van de Vrije woonst zich deze Tamara en de familie nog kan herinneren en weet wat er van hen is geworden neemt dan alstublieft contact met me op. 

en als ge mijn moeder, Nini 's noenens ziet vertrekken met haar fietske op weg naar den Battelsesteenweg of naar apotheek de Vos, zwaait dan eens naar haar; ;-)