...'dan kende de geestdrift geene palen meer: luide werd er gejuigd'...

Met de campagne voor het torenuurwerk werd regelmatig verwezen naar de Eerste Wereldoorlog, toen 'den Duits' 'd'horleuge' van den toren schoot...
De Eerste Wereldoorlog in Mechelen...
...ook weeral een hele poos geleden...
Mechelen kende vier donkere jaren...
En plots:
...'kende de geestdrift geene palen meer: luide werd er gejuigd'!
Er was een einde gekomen aan de wereldbrand.


(foto: Jan Smets)

Frans Verhavert, toenmalige koster van Sint-Rombouts, schreef over die moeilijke tijd een boek: 'De Duitschers te Mechelen'.
Het werd in 1919 door de Mechelse uitgeverij Godenne uitgegeven.
Ik citeerde er vroeger reeds uit.
In de volgende fragmenten beschrijft Frans het einde van de oorlog, en de sfeer die er toen in Mechelen hing...
Het valt op hoe gezagsgetrouw aan Kerk en Overheid, de doorsnee Mechelaar was - en hoe Belgicistisch en koningsgezind...
...een uniek tijdsdocument...

(foto: Jan Smets)

(...)
'Op maandag 11 november werd een Duitsch bericht op de muren der stad aangeplakt, dat de wapenstilstand geteekend was.
En daar staat de hoovaardige keizer nu alleen! de militaire kaste!
Beurtelings zonderen zich Bulgarië, Turkije, Oostenrijk-Hongarië, het Duitsche volk zelf van haar af.
Zij staat alleen, maar thans is het tegenover hare veroveraars ten gronde geslagen, vernietigd!
't Is het einde van den oorlog, van de groote ramp die heel de beschaafde wereld vier jaar lang als onder eene ijselijke nachtmerrie gebukt hield. Het bloed van millioenen heeft gevloeid in de eertijds zo lachende weiden en landouwen van ons Vlaanderen, in de bloeiende streken van Frankrijk, en op zooveel andere plaatsen van Europa.
En zoo heeft het vier jaar lang geduurd.'
(...)


(foto: Jan Smets)

'Op 11 november, Sint-Martensfeest, was vroeger voor de kinderen een dag van vreugde en uitspatting. Nu was hij voor iedereen een feestdag; zoodra het bericht officieel van de wapenstilstand in de stad gekend was, waren de bewonders van St.-Romboutskerkhof, Wollemerkt en onder den Toren, getuigen van een merkwaardig schouwspel, dat niet gemakkelijk uit het geheugen zal gewischt worden: de soldaten van de Duitsche Compagnie, ingekwartierd in het Postkantoor, brachten houten bakken, geweren, gasmaskers en nog ander oorlogsmateriaal, komende uit de nabijgelegen carabiniers-kazerne en uit het postgebouw, op eenen hoop, in het midden van St.-Romboutskerkhof bijeen, en staken er vuur aan, terwijl de soldaten, dronken van vreugde, de roode vod aan hun arm, rond den vuurpoel dansten...daarna begon een openbare verkooping van al wat niet meegenomen kon worden.
Alles werd tegen een spotprijs verkocht.
Hetzelfde greep plaats in bijna gansch het bezette gebied van België.
Om 3 uren in den namiddag, werd de nationale driekleur op den Romboutstoren geheeschen; nu steeg de geestdrift ten top; een oorverdoovend gejuich steeg uit alle borsten; voortdurend weergalmden door de straten de kreten: 'Leve België! Leven de Koning! Leven onze dappere helden!'.
En wat gezegd over het plechtig Te Deum dat op vrijdag 15 november, ter gelegendheid van 's Konings naamfeest in onze Metropolitane kerk, met zooveel eerbied en luister uitgevoerd is geworden?
Het was nu niet meer gelijk op andere jaren, om den zegen des Hemels te vragen over onze koning en ons leger, maar om den Heer der Heischaren voor België's verlossing te danken.
In den vroeger wijden tempel was weldra geen enkele plaats meer, doch ieder kent den toestand in welke onze hoofdkerk zich bevindt en begrijpt alzoo licht dat er veel plaats te kort was.
Aanstonds daarop vangt het Te Deum aan.
Te Deum laudamus! O ja, schijnt uit die duizende borsten te klinken. O ja, wij danken, wij loven en prijzen U, omdat Gij ons Vaderland verlost hebt, omdat België vrij is!
Het Te Deum werd oor een koor van meer dan 300 zangers uitgevoerd.
Het blijde feest werd op den vooravond aangekondigd door het groot gelui van Salvator en door beiaardspel (De heer Emiel Albrechts, mekaniek-en kunstsmid te Mechelen, heeft al gedaan wat mogelijk was om de groote klok, tegen die blijde dagen in de beste orde te brengen, daar er veel gebroken en verroest was).
Daar onze beroemde beiaardier Jef Denyn nog tijdelijk in Engeland verbleef, heeft de heer J.Van Beers in zijne plaats het klokkenspel bespeeld.
Des avonds was het opnieuw van klokgelui en beiaardspel.
De toren en de Halle waren des avonds luisterrijk met electrisch licht verlicht (de verlichting werd gedaan door het welgekende huis De Pooter, OLV-straat), alsook de drie volgende dagen.
Op donderdag 23 januari 1919, is M. Jozef Denyn, na een ballingschap in Engeland van ruim vier jaren in de beste gezondheid in zijn geboortestad weergekeerd.
Op maandag 27 januari liet hij ons gansch onverwacht de Brabançonne en het Engelsch Nationaal lied: God save the king, hooren, tot groote verbazing en tevens tot innige vreugd van het volk, want velen hadden van zijne terugkomst niets vernomen.


(foto: Jan Smets)

Op zondag 17 november 1918, om 11 uren voormiddag, was het opnieuw feest.
De algemeene vergaderplaats, blijft natuurlijk de Groote Markt.
Om 11 ure voormiddags, kwamen verschillende maatschappijen serenaden brengen voor het niuwe stadhuis op de Groote Markt.
Om 11 1/2 ure, onder het luiden van den grooten Salvator, verschijnt op het balkon van ons nieuw stadhuis, Zijne Eminentie Kardinaal Mercier, alsook Mgr.Le Graive, hulpbisschop van onzen beminden Aartsbisschop , omringd van gansch den gemeenteraad, Mijnheer Hertsens, d.d. Burgemeester, mijnheer de advocaat Van den Hende, schepen, en mijnheer Lamborelle, volksvertegenwoordiger, spreken beurtelings tot de menigte die op de Groote Markt voor het nieuw stadhuis vergaderd was.
Zij danken de burgers van Mechelen voor de bewonderenswaardige uiting hunner vaderlandsliefde, en verkonden het publiek dat onze beminde koning Albert toekomenden vrijdag, met groote vreugde en luister, bezit zijner hoofdstad nemen zal. Ook dat het Duitsche rijk gedaan heeft en de laatste bladzijden zijner geschiedenis met bloed, met schande en oneer bedekt zijn!...
Dan kende de geestdrift geene palen meer: luide werd er gejuigd; er word met hoeden gezwaaid, met zakdoeken gewuifd, onder de kreten 'Leve België! Leve de Koning! Leve onze dappere helden!'.
Een indrukwekkende plechtigheid vierde onze stad op zondag 8 december, feestdag van OLV-Ontvangenis.
In de metropolitane kerk werd de vijftigste verjaardag herdacht van de toewijding van België aan het H.Hart van Jesus.
Zijne Eminentie de Kardinaal zong de pontificale mis, gevolgd van het Te Deum, te dier gelegenheid getoonzet door de E.H. Van Nuffel, kapelmeester, en uitgevoerd door de Schola Cantorum van St.-Romboutskerk.
Te dier gelegenheid ook was het koor, voor de eerse maal na de beschieting der stad in 1914, tot het uitoefenen der goddelijke diensten in gereedheid gebracht. Het koor was prachtig versierd: men had het groot houten schutsel, dat de koor van den middenbeuk en de kruiskoor afsloot, afgebroken; zoo was de kerk om zeggen in haren vroegeren staat, tot de groote vreugde der inwoners van Mechelen.
Men maakte, voor de eerste maal, gebruik van het kostelijk misgewaad, dat tijdens de beschieting der stad,met zoovele andere kunststukken van groote waarde naar Antwerpen overgebracht was, om het tegen alle roof of vernieling te vrijwaren.
Buitengeoon groot was het getal geloovigen, niet alleen van St.-Romboutsparochie, maar ook van alle de parochiën der stad, die aan deze onvergetelijke plechtigheid deel namen.'


(foto: Jan Smets)

'Maandag 18 november, om 11 1/2 ure voormiddag, kwamen de eerste Belgische troepen zegevierend in onze stad binnen, onder het donderen van den machtigen Salvator, die zijne zware tonen over de feestelijk uitgedoste Dijlestad hooren liet, en einde en verre, met zijne dreunende stem verkondigde: België is vrij! Daar zijn onze helden!...
Mechelen was in feest!
Op het balkon van het nieuw stadhuis bevond zich, gelijk daags te voren, Zijne Em.de Kardinaal, omringd van gansch den Genmeenteraad. Zijne Eminentie stuurde aan allen een woord van hulde voor de menigvuldige diensten die zij aanhet vaderland bewezen hebben.
Eene zee van menschen verdrong zich op de Groote Markt. 't Is voortdurend: Leve België! Leve onze helden!; voortdurend barsten nieuwe ovaties los; aan het gejuich komt geen einde...


(foto: Jan Smets)

'Tot slot van de feesten, vierde Mechelen op zondag 1 december, de blijde wederkomst van onzen achtbaren Burgemeester, Mijnheer Karel Dessain, uit zijn ballingschap in Duitschland.
Evenals zooveel andere burgers en priesters, was hij voor een jaar opsluitng in Duitschland veroordeeld en heeft de tijd ons duidelijk gemaakt.
Het is gekend waarom de Duitschers onzen achtbaren burgemeester wisten te straffen; hij had eenvoudig de noodlijdende Mechelaars te schrander weten ter hulp te komen en liep aldus in den weg.
Te dier gelegenheid werd in de metropolitane kerk een Pontificale mis met Te Deum, als dankzegging opgedragen, waarin gansch de Gemeenteraad, stadsbedienden en andere overheden tegenwoordig waren.
De kerk was gansch gevuld, evenals bij het Te Deum van 15 november; de Mechelaars beantwoordden goed den oproep van hun Bestuur.
Om 11ure was het feestoptocht; bijeenkomst op de Graanmerkt, van al de maatschappijen en schoolkinderen der gemeente; van daar wandeling door de stad en aankomst voor het stadhuis.
Om 12 ure, onder het luiden der groote klok en beiaardspel, verschenen op het balkon van het nieuw stadhuis de heer Burgemeester, gevolgd door Zijen Eminentie den Kardinaal, de familie Dessain en de Gemeenteraad, onmiddellijk hieven de aanwezige fanfarenmaatschappijen het nationaal lied aan van ons land en van onze Constitutie.
De gevierde held hield dan een korte rede, waarin hij de Mechelaars bedankte en hun beloofde alles in het werk te stellen om hun belangen te behartigen. Nogmaals werd het vaderlandschlied aangeheven en de stoet zette zich in beweging. Zoo eindigde het feest.


(foto: Jan Smets)

'Laat ons nu juichen en feesten!
Vier jaar hebben wij geleden, ja, veel geleden, doch verduldig, gelaten, waardig, hoewel met den wrok in 't hart, omdat toch ens het uur der bevrijding slaan zou.
En daar is het nu!
(...)


Kleurrijk en mooi verslag van Frans Verhavert...En méér dan elk droog historisch tijdsverslag tekenen deze mémoires de échte emoties van die dagen...Ik koester dan ook dit beduimelde, ouwe boekje...

Ik overweeg een inbraak, Jans. ;-)
Boek is nergens meer te vinden behalve bij u thuis.
Pas op wat ge zegt, misschien wordt het boekje wel gestolen en dan wijst alles in uw richting.
Ik zal dan ook direct bekennen ;-) Onweerstaanbare drang !
Ook niet meer te vinden:Boek van Jos v/d hoek 60 JAAR LATER ! over den 2de oorlog en ook nog van man oudste broer(Jan Maes) "OPA VERTEL EENS VAN DEN OORLOG-IEPER-BERLIJN"met eigen illustraties.U ziet de "J.Maes-en zijn aktief en creatief.
Dien WO I achter volgt me nog steeds, om de eenvoudige reden dat ons grootvader op 25 augustus 1914 met een nekschot werd gedood te Sempst. Wij hebben de trieste eer te kunnen zeggen dat hij het eerste burgelijk slachtoffer was aldaar. De juiste omstandigheden; daar ben ik al jaren mee bezig omdat uit te pluizen. Zit al aan drie versies!Geschiedenis is een verdomd moeilijk vak. Check en double check hé, en dan ? Wat is de waarheid?
Zo heeft elk zijn verleden en de daaraan verbonden verhalen.
Mijnen brure haalt mijn laatste boek aan, het eerste ging over de scouts in WO II te Mechelen met algemene info over de achtergronden. Ik vind het nuttig dat men zo nu en dan eens achterom kijkt, wie zijn verleden kent begrijpt soms het heden.....Doe zo voort Jans.
@jans: mooi artikel, maar voorzie het eens van een titel, al was het maar tegen de tijd dat het naar het archief verhuist a.u.b.
tièns, Jokke, goed dat je me er attent op maakt... Eigenaardig?
Daarstraks toen ik het artikeltje maakte, had het de titel die ik er nu terug bovenzette...
Door één of andere reden was deze verdwenen blijkbaar...
Enfin: ik breek er m'n hoofd niet over; hij staat er terug.
inderdaad die titel stond er.
" der gebeure roare ding'n "
Het heeft er eigenlijk niet veel mee te maken. Maar ik heb net deze week een Duitse toeristische gids over Vlaanderen opgestuurd gekregen... uit 1942. Een bizar item als je het mij vraagt. Maar wel met een resem autentieke foto's, met o.a. een viertal over Mechelen (Brusselpoort, Stadhuis, Groen Waterke en de voerdeur van de Groote Zalm).
Op 20/11/2005 maakte ik de volgende post: '...reicht für 4 Stunden?' -
uittreksels van een Duitse reisgids uit 1914 (!) - nét voor de Eerste Wereldoorlog begon...
De 'Duytschers' kwamen dus eerst als toerist naar Mechelen... ;-)
Vast ironisch bedoeld Jan.

De werkelijkheid.
De telefoonlijnleggers voor WO I waren Duitsers en de leurders die den buiten afliepen om werkalaam te verkopen..ook Duitsers. Zemstenaren hebben enkelen herkend toen die als verkenners Zemst binnen kwamen op 25 augustus 1914. Zij leiden de hun troepen langs binnenwegen om zo onze troepen zijdelings en zelfs langs achter aan te vallen. Luisteren naar de ouderen hun verhalen die het zelf meemaakten, en...wat je door tientallen hoort vertellen...daar leer je van. Doet het zout en de mosterd er af en je leert er wat van.